Artikel 25

1. Gedeputeerde staten kunnen de aanwijzing van een plaats als beschermde leefomgeving geheel of gedeeltelijk intrekken. De percelen waarop de intrekking betrekking heeft, worden kadastraal omschreven.

Ingeval van gedeeltelijke intrekking gaat het besluit vergezeld van een kaart waarop is aangegeven op welk gedeelte van de plaats de intrekking betrekking heeft.

2. Het bepaalde in de artikelen 2122 en 23 is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een besluit als bedoeld in het eerste lid.

3. Een besluit houdende de aanwijzing van een plaats als beschermde leefomgeving, vervalt met ingang van het tijdstip waarop die plaats deel uitmaakt van een onherroepelijk aangewezen beschermd natuurmonument of staatsnatuurmonument als bedoeld in de Natuurbeschermingswet.

 

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk