Boeren en Jagers uiten hun bezwaren over nieuwe ganzenaanpak van de provincie Friesland.

Een nieuwe ganzenaanpak moet zorgen voor minder schade aan landbouwpercelen in Friesland. De vraag is of dat gaat werken. Boeren en jagers zien pijnpunten. En de provincie loopt volgens haar tegen de wet aan. Al jarenlang tobt Friesland met ganzen. Nadat in 1999 de jacht op vogels verboden werd en de provincies vanuit Brussel voor rustgebieden moesten zorgen, nam de overlast toe.

Verschillende pogingen ten spijt weet de provincie de schade aan landbouwpercelen tot nu toe niet in te perken. Met name de brandgans ziet de Friese graspercelen als Luilekkerland en vliegt, in tegenstelling tot eerdere jaren, pas in de maanden april en mei naar haar broedgebied. Dat heeft grote gevolgen voor het binnenhalen van de eerste snee.

De toename van de schade, maar ook het verkleinen van het provinciaal budget van 12 naar 10 miljoen euro vormen de basis voor een nieuwe ganzenaanpak. Boeren en jagers plaatsen hun kanttekeningen. LTO Noord vindt met name dat te laat wordt ingegrepen. Zeker de winterrust zorgde ervoor dat de gans in januari en februari onbezorgd kon foerageren.

Bonus

Provincie Fryslân is van plan om een bonus in te voeren voor de schadevergoeding. Als boeren zelf voor minder schade op hun percelen zorgen, krijgen ze een hogere schadevergoeding. Of deze prikkel echt gaat werken is afwachten. Jagers waarschuwen alvast niet de ‘schietknecht’ van de boeren te willen worden en vinden dat er middelen ook in tijd dienen te komen door de ontheffingen voor de ganzen hierop aan te passen.

Aanpassen voorwaarden ontheffing ganzen

Om de schade te verkleinen wil gedeputeerde Johannes Kramer de hulp van de jagers. Maar die zien het gezien de huidige voorwaarden niet zitten. De jagers worden in het nieuwe plan voor de opdracht gesteld om de ganzenschade in de provincie met 5 tot 10% te verminderen in één seizoen. Daar moeten dan maximaal 210.000 ganzen van de circa 900.000 die jaarlijks in Friesland verblijven  worden afgeschoten. Het gemiddelde afschot van de laatste jaren is immers zo’n 85.000 stuks. Dan dien je alle ter beschikking staande middelen en voorwaarden te scheppen om de gewenste reductie ook mogelijk te maken. Zonder een ruime ontheffing voor het verjagen van ganzen een uur voor zonsopgang en een uur na zonsondergang heeft de nieuwe ganzenaanpak echter weinig zin. Deze twee uren zijn essentieel voor het resultaat, stellen de jagers. De provincie stelt dat dit juridisch nog niet tot de mogelijkheden behoort. Noord-Holland werd kortgeleden om die reden teruggefloten door de rechter. Dat is het laatste wat provincie Fryslân wil. De jagers wijzen erop dat de onderbouwing hiervoor wel degelijk haalbaar is en zeker gezien het grote belang (schade) voor de grondgebruikers in Friesland.

Daarbij komt ook dat volgens de partijen zeker meer tijd nodig is, dan een (zomer) seizoen om de schade te reduceren. Bovendien hoeven de partijen niet op medewerking van Natuurorganisaties It Fryske Gea en Natuurmonumenten te rekenen. Zij trokken immers op het aller laatste moment hun handen van het beheerplan af. LTO Noord-bestuurder Peet Sterkenburgh riep deze week deze organisaties dan ook op om hun verantwoordelijkheid hierin te nemen.

Derhalve is het debat in Provinciale Staten in juli heel belangrijk. Een excursie naar beschadigde percelen, georganiseerd voor Statenleden door LTO Noord, trok onlangs vooral veel boeren. Het aantal Statenleden dat naar de schadeverhalen van jonge melkveehouders in Ferwoude luisterde, was jammer genoeg maar op één hand te tellen.

Print Friendly

Reageren is niet mogelijk