Hygiëne maatregelen bij ontweiden van grofwild

Tijdens de grote Q-koorts uitbraak in Nederland in 2007 – 2010, vormde deze ziekte een volksgezondheidsprobleem. Omdat Q-koorts niet alleen bij gehouden geiten en andere herkauwers voorkomt, maar ook bij in het wild levende hoefdieren kan voorkomen, zijn destijds stringente hygiënische voorzorgsmaatregelen aangeraden voor jagers die grofwild schieten en ontweiden.

Sinds 2010 worden alle gehouden melkgeiten ingeënt tegen Q-koorts. Als gevolg daarvan worden er, op dit moment, geen melkgeitenbedrijven meer positief gevonden in de monitoring. Vandaar dat DWHC vanuit het faunabeheer de vraag kreeg of de destijds aangeraden, te nemen hygiënische voorzorgsmaatregelen nog steeds gelden, of versoepeld zijn.

De huidige situatie rondom Q-koorts bij wilde hoefdieren in Nederland, is onduidelijk. Wel is bekend dat in 2010 bij 23 % van de onderzochte reeën (materiaal afkomstig van 79 reeën die tussen 2008 en mei 2010 bij DWHC waren onderzocht op doodsoorzaak), positief testten op Q-koorts. Het is overigens waarschijnlijk dat Q-koorts bij wild een eigen ‘wild’-cyclus heeft. De inschatting is daarom dat het besmettingspercentage nu nog vergelijkbaar zal zijn met die van 2010.

Omdat de veehouderij als geheel niet vrij is van de Q-koortsbacterie (vijf keer aangetoond bij rundvee) , en de verwachting is dat bij wild een aparte Q-koortscyclus voorkomt die nog altijd rondwaart, moet de jager nog steeds rekening houden met de aanwezigheid van besmette hoefdieren. Daarnaast zijn er nog andere ziekteverwekkers die bij hoefdieren een afwijkende baarmoeder/abortus kunnen veroorzaken en die ook op de mens overdraagbaar zijn.

Bij het ontweiden van dieren moeten altijd de algemene hygiëne voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen:

• dragen van wegwerphandschoenen;

• na afloop wassen van handen met zeep en veel water en goed drogen.

Uitgebreidere hygiëne maatregelen zijn nodig bij het ontweiden van vrouwelijk grofwild met een weidwondschot, en als het dier een misvormde baarmoeder heeft:

• Draag wegwerphandschoenen, liefst een mondkapje met FFP2 filter en beschermende kleding (wegwerpoverall en laarzen). Gooi de handschoenen, overall en mondkapje weg en ontsmet de laarzen.

• Laat de baarmoeder intact en beperk het contact met vruchtwater en moederkoek van drachtige dieren en contact met doodgeboren dieren.

• Begraaf het ontweidsel en de baarmoeder.

• Was na afloop de handen met zeep en veel water en droog ze goed.

Meest uitgebreide hygiëne maatregelen moeten genomen worden als de baarmoeder wordt opengesneden om het aantal foetussen te tellen:

• Draag naast de wegwerphandschoenen, ook een mondkapje met FFP2 filter (gewone mondkapjes houden de Q-koorts bacterie niet tegen) en beschermende kleding (wegwerpoverall en laarzen). Gooi de handschoenen, overall en mondkapje weg en ontsmet de laarzen.

• Begraaf de baarmoeder, placenta(s) en foetussen.

• Was na afloop de handen met zeep en veel water en droog ze goed.

 

Joke van der Giessen (RIVM), Andrea Gröne en Margriet Montizaan (DWHC), Hendrik-Jan Roest (WBVR).

Q koorts – ontweiden grofwild. Juli 2017

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk