Kleine zoogdieren en lijsterachtigen mede bepalend voor schapenteekpopulaties

Tim Hofmeester deed onderzoek naar de invloed die verschillende gewervelde gastheren hebben op de dynamiek van schapenteekpopulaties en 7 ziekteverwekkers die door de schapenteek worden overgedragen. Hij vond dat kleine zoogdieren, lijsterachtigen en herten de belangrijkste gastheren waren voor de schapenteek. Kleine zoogdieren en lijsterachtigen zijn ook de belangrijkste soorten die de schapenteek besmetten met teken-overdraagbare ziekteverwekkers. Het gedrag en de dichtheid van deze soorten zijn de belangrijkste factoren die bepalen wat het aantal geïnfecteerde teken in een gebied is, wat een maat is voor het ziekterisico voor de mens. Hofmeester promoveerde op 5 december 2016 op basis van zijn onderzoek aan de Wageningen Universiteit.

Volgens het RIVM dragen ongeveer 20% van alle teken draagt het bacteriecomplex mee dat de ziekte van Lyme veroorzaakt. In gebieden waar weinig of geen vossen of andere roofdieren voorkomen, leven tien tot twintig keer meer teken dan in gebieden met veel vossen, stelde Hofmeester vast. De teek heeft drie levensstadia: de larve, de nimf en de adult. De larven zitten vooral op muizen, de nimfen op merels en lijsters en de adulten vooral op herten en reeën. Het blijkt dat muizen minder teken bij zich hebben in gebieden met veel roofdieren. Waarschijnlijk doordat muizen zich schuil houden en minder op plekken waar ze tekenlarven kunnen opdoen, stelt Hofmeester.

De onderzoeker stelde tevens vast dat de aanwezigheid van veel herten een dempend effect lijkt te hebben op de overdracht van de lyme-bacterie. Reëen hebben weer wel een verhogend effect op het aantal larven in de vegetatie. De onderzoeker stelde dat afrastering bij grote hoefdieren leidde tot significante afname van het aantal teken. De verspreiding van de teek heeft voor een groot deel te maken met de toename van het percentage bos in Europa, stelt Hofmeester. Daarnaast zijn alle belangrijke gastheren voor teken in aantal toegenomen. De laatste jaren is er echter een stabilisatie van de tekenpopulatie. Waarschijnlijk komt dat doordat nu ook roofdieren in opkomst zijn. De onderzoeker denkt dat roofdieren belangrijk zijn om evenwicht in het systeem te brengen.

bron: Wageningen University & Research 05/12/16 Volkskrant, 13/12/16


Commentaar NOJG:
Er worden in het onderzoek als hypothese (dwz zonder bewijs) voorbeelden genoemd van gebieden met een besmettingsgraad van 50 en 10%. 
 
Sommige mensen hebben er baat bij om de negatieve gevolgen van natuur te bagetaliseren. 
Als het over 10 q-koorts slachtoffers in 2016 gaat is er grote stennis in Nederland, maar met 25.000 lyme slachtoffers die niet onder doen wordt alles gesust.
 
Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk