Nieuwe ganzen-aanpak provincie Friesland

 

 

 

Nieuwe Friese ganzenaanpak moet leiden tot minder grasschade

Er komt een nieuwe ganzenaanpak in Friesland. Dit is nodig omdat uit een evaluatie blijkt dat de schade aan het gras de afgelopen jaren niet is afgenomen. De nieuwe aanpak zet in op schadevermindering enerzijds en anderzijds bescherming van ganzen daar waar het moet. Bij de voorgestelde aanpak van Gedeputeerde Staten wordt ingezet op een afname van de schade met 5 tot 10%. Provinciale Staten nemen in juni een definitief besluit over de aanpak.

De aanpak van de provincie houdt concreet in dat de winterrustperiode vervalt. Er zijn foerageergebieden die van kracht zijn van 1 november tot 1 april. De schadevergoeding binnen de foerageergebieden blijft 100%. Buiten de foerageergebieden wordt dit 80%. Wanneer er geen schadevermindering buiten deze gebieden optreedt, wordt de schadevergoeding het jaar daarop aangepast. Deze vergoeding kan weer oplopen wanneer de schade afneemt. Verder krijgen de jagers aanzienlijk meer mogelijkheden om de schade te bestrijden. Bijvoorbeeld door het inzetten van lokfluiten.

De komende jaren is schadebestrijding van groot belang. Dit omdat het aantal ganzen internationaal gezien nog fors toeneemt. Met deze aanpak sorteert de provincie voor op een internationale aanpak die over 3 jaar gereed is.

De agrariërs en jagers steunen het voorstel van Gedeputeerde Staten, ondanks dat ze pijnpunten zien. Voor Staatsbosbeheer geldt het zelfde, It Fryske Gea en Natuurmonumenten kunnen zich er niet achter scharen. De partijen hebben de afgelopen periode verschillende toekomstscenario’s met elkaar verkend. Dit gebeurde op basis van het evaluatierapport dat de provincie samen met de jagers, agrariërs en natuurorganisaties opstelde. Toch lukte het uiteindelijk niet om tot een, door iedereen gedragen, aanpak te komen.

Zie voor meer informatie de Nota Fryske Guozzenoanpak 2017 en de FGo-evaluaasje 2017 op de site van de Provincie Friesland. | bron: Provincie Friesland, 18/04/17


It Fryske Gea en Natuurmonumenten gaan niet akkoord met de nieuwe ganzen aanpak van de provincie Friesland. De provincie wil jaarlijks 210.000 overwinterende ganzen afschieten. It Fryske Gea en Natuurmonumenten noemen dat ‘buitenproportioneel’. Met het voorstel kiest de provincie voor een benadering waarin uitsluitend de landbouw en de kosten centraal staan. De organisaties vinden dat de provincie voorbijgaat aan de waarde van Friesland voor de overwinterende ganzen en andersom: de belevingswaarde van deze ganzen in het winterse Friese landschap. De weidevogels en de bloemen zijn al uit het overgrote deel van het Friese landschap verdwenen.

De natuurorganisaties committeerden zich in 2014 met ingrijpende maatregelen om het aantal zomerganzen te verkleinen en met in eerste instantie een winterrust van slechts twee maanden. Daarbij werd afgesproken dat na 2 jaar een evaluatie zou volgen, met de intentie om de winterganzen daarna 4 maanden winterrust te geven, conform de landelijke lijn. De evaluatie werd een jaar uitgesteld en de uitbreiding van de winterrust ook.

Uit de evaluatie blijkt dat de inzet om de zomerganzen in toom te houden te werken. Ook blijkt het aantal winterganzen niet te zijn toegenomen. Over de inzet van verjaging met ondersteunend afschot is de evaluatie kritisch: er is een mismatch tussen de momenten dat verjaging met ondersteunend afschot plaats vindt en de momenten dat het het meest nodig is. De totale kosten die de provincie besteed aan het totale ganzenbeleid schommelen al jaren rond hetzelfde bedrag.

Desondanks stelt de provincie Friesland voor om af te zien van de beloofde winterrust en in te zetten op verjaging én jaarlijks afschot van 210.000 overwinterende ganzen. “De provincie noemt dit ondersteund afschot, maar in onze ogen is hier sprake van populatiebeheer van de overwinterende ganzen,” legt Arjen Kok van Natuurmonumenten uit. “Dat heeft regionaal geen zin en staat haaks op de internationale verantwoordelijkheid die we hebben.”

In het voorstel zijn de foerageergebieden kleiner dan voorheen. Er is geen financiële prikkel voor deelname van boeren, omdat ook buiten de foerageergebieden de schade wordt vergoed. De deelname is vrijwillig, waardoor in de praktijk voor ganzen onlogische begrenzingen ontstaan en dus veel verstoring. Zolang buiten de foerageergebieden de schade van ganzen wordt vergoed, ontbreekt de noodzaak om de ganzen te laten verjagen en blijven de kosten daar hoog.

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk