Opmerkingen NOJG op voorgehangen uitvoeringsregeling Wet natuurbescherming

De NOJG heeft net als ook andere betrokken partijen, zoals de Faunabeheereenheden en de KNJV moeten constateren dat er toch weer in de Tweede Kamer voorgehangen ontwerp uitvoeringsregelgeving Wet natuurbescherming op enkele onderdelen ernstige tekortkomingen vertoont die de uitvoering van het noodzakelijk geachte faunabeheer bemoeilijkt zo niet onmogelijk maakt. De Tweede Kamer kan zich op 10 juni 2016 hierover uitspreken. (Kamerbrief van 13 mei, Voorhang ontwerp uitvoeringsregelgeving Wet natuurbescherming).

 

1) Invasieve exoten en verwilderde dieren, zijn niet opgenomen c.q. aangewezen in de voorhang Uitvoeringsregeling Wet Natuurbescherming

Het voornemen om in de Regeling natuurbescherming, invasieve exoten en verwilderde diersoorten aan te wijzen heeft echter niet plaats gevonden. In de Memorie van toelichting bij de wet staat op pagina 180: “Uit de evaluatie van de natuurwetgeving is gebleken dat de Flora- en Faunawet onvoldoende instrumenten bevat om in alle gevallen snel te kunnen ingrijpen als de populaties invasieve exoten nog klein en beheersbaar zijn.” Onder de Flora- en Faunawet geldt voor (invasieve) exoten en verwilderde dieren een beschermingsregime dat bijna overeenkomt met het strikte beschermingsregime voor beschermde soorten. Als gevolg hiervan is bijvoorbeeld de noodzakelijk geachte bestrijding van nijlganzen met het geweer in sommige provincies niet mogelijk.

nijlgans in vluchtOmdat gegevens over aangerichte schade ontbreken achtten rechters de dreiging van schade onvoldoende aangetoond en vernietigden de afgegeven aanwijzingen. [1]Het voornemen was om in de Regeling natuurbescherming soorten aan te wijzen die met het geweer kunnen worden bestreden. Echter dit is niet gebeurd. Als gevolg hiervan geldt voor bestrijding met het geweer van alle (invasieve) exoten en verwilderde dieren weer hetzelfde beschermingsregime als onder de Flora en Faunawet

Tijdig en adequaat ingrijpen in populaties zal hierdoor niet mogelijk zijn en daarnaast zal de regeldruk toenemen vanwege de opeenvolgende rechterlijke procedures 1 . Verwilderde dieren en (invasieve) exoten kunnen schade aanrichten aan de biodiversiteit, landbouw en vliegveiligheid. De economische impact van invasieve exoten in Europa wordt geschat op 12,5-20 miljard euro per jaar.

Europa heeft zich gecommitteerd om de aanpak van invasieve exoten krachtig vorm te geven. Het aanwijzen in de Regeling van soorten die met het geweer kunnen worden bestreden – zoals altijd het voornemen is geweest – zal schade voorkomen en de vestiging van exoten beperken. Alleen op deze wijze kunnen Faunabeheereenheden op een planmatige en gecoördineerde wijze uitvoering geven aan het voorkomen en beperken van vestiging van (invasieve) exoten en verwilderde dieren. Zie bijvoorbeeld ook de adviezen van de NVWA dienaangaande, weergegeven in de door haar opgestelde risicoanalyses invasieve exoten.

2) Middelen voor beheer en schadebestrijding van vogels

De middelen, methoden en installaties voor het vangen of doden van beschermde vogels in het kader van beheer en schadebestrijding dienen in het Besluit natuurbescherming te zijn opgesomd (in artikel 3.9). Als de middelen/methoden niet in het Besluit staan, kan GS, die in het kader van de decentralisatieakkoorden verantwoordelijk is geworden voor het faunabeleid, ze niet toestaan. Het is derhalve van belang dat GS maatwerk kan leveren en dat de middelen die in een specifieke situatie nodig zijn, ook kunnen worden ingezet. Het IPO heeft een lijst met middelen voorgesteld. Niet alle middelen van deze lijst zijn echter opgenomen in het Besluit (zie ook de Kamerbrief), hetgeen wij in hoge mate betreuren.

De belangrijkste problemen die hierdoor ontstaan zijn:

  • Gevangen vogels kunnen alleen met het geweer of CO2 worden gedood.
  • De vangkooi is een effectief middel dat minder verstoring met zich meebrengt dan het geweer.
  • Het gebruik van CO2 is over het algemeen niet aan de orde, het doden van vogels in de kooi met het geweer is zo goed als onmogelijk en gevaarlijk. De vangkooi kan dus alleen worden gebruikt indien ook een middel voor het doden van de gevangen vogels wordt opgenomen, zoals wel voor de jacht in de wet Natuurbescherming is opgenomen in art 3.21. Het doden kan worden uitgevoerd door: het toepassen van de zogenaamde kooikersgreep, decapitatie en neksteek

3) Lokmiddelen worden ingezet als hulpmiddel om vogels binnen schootafstand te krijgen waardoor de kans op verwonden kleiner wordt en/of het beheer effectiever kan plaatsvinden (zie ook p. 15 van het rapport van de Raad voor Dieraangelegenheden).

Mechanische en elektronische lokmiddelen en lokvoer zijn effectief maar vooralsnog niet aangewezen. De NOJG en ook de Faunabeheereenheden zijn bezorgd over het niet aanwijzen van deze middelen, die echter zeer gewenst zijn bij een effectieve en selectieve schadebestrijding waardoor onnodig lijden wordt voorkomen. Het bereiken van de doelen voor de overzomerende ganzen zoals vastgelegd in de provinciale ganzenakkoorden, zal hierdoor worden gehinderd. .

Middelen die kunnen worden gebruikt bij uitvoering van de vrijstelling

In de Regeling zijn de middelen aangewezen die kunnen worden gebruikt bij de uitvoering van de landelijke vrijstelling.

Er zijn alleen soorten landelijk vrijgesteld waarvan is vastgesteld dat ze in het gehele land schade veroorzaken (en waarvoor bestrijding in het gehele land dus noodzakelijk is) en waarvan de gunstige staat van instandhouding niet in het geding is.

Echter de middelen die zijn aangewezen, zijn ons inziens niet afdoende om schade door deze diersoorten effectief te beperken en/of te voorkomen. Zie pt3

4) Tijdsbeperking

Daarnaast wordt de effectiviteit beperkt doordat uitvoering slechts mogelijk is tussen zonsopgang en zonsondergang, terwijl het Benelux-verdrag over de jacht dit juist wel toe staat namelijk 1 uur voor zonsopgang en 1 uur na zonsondergang.

ganzen schemering pixabayWij hebben hierbij een klemmend verzoek gedaan aan leden van de Tweede en Eerste Kamer om aandacht te schenken aan onze opmerkingen inzake de ontwerp uitvoeringsregelgeving Wet natuurbescherming, die op enkele onderdelen ernstige tekortkomingen vertoont, waardoor de uitvoering van het noodzakelijk geachte faunabeheer bemoeilijkt zo niet onmogelijk wordt gemaakt.

De schade toegebracht aan de biodiversiteit, die wij allen een warm hart toedragen zal als gevolg van enkele onvolkomenheden in de concept regelgeving groot zijn. Bovendien zal er ook sprake zijn van toename van de economische schade en meer administratieve belasting plaats vinden, wat weer haaks staat op het kabinetsbeleid, wat dit wil voorkomen.

Wij als NOJG willen ons inspannen om deze tekortkomingen in uitvoeringsregeling van de wet Natuurbescherming teniet worden gedaan.

 

[1] Ter illustratie: In Zuid-Holland wordt op het ogenblik iedere ontheffing verleend aan de Faunabeheereenheid aangevochten, vaak door meerdere partijen. Vanaf september 2013 zijn 63 bezwaar-, en (hoger)beroepsschriften ingediend t.a.v. 14 ontheffingen. Drie keer is daarbij ook een voorlopige voorziening gevraagd. Daarnaast zijn nog bezwaar- en beroepsschriften ingediend tegen ontheffingen verleend aan individuen

 

Print Friendly

Reageren is niet mogelijk