Planmatig beheer kolgans vraagt om internationale samenwerking

Kolgans

Een planmatig beheer voor de kolgans is pas mogelijk als op internationale schaal, effectieve verjaging en schadebeperking over de hele trekroute (flyway) worden afgestemd. Een geïsoleerd, alleen op provinciale schaal ontwikkeld, beleid leidt niet tot een verlaging van de totale schadebedragen. Dat blijkt uit een meerjarige studie van een samenwerkingsverband van Radboud Universiteit, Sovon en NIOO (verenigd in het Centre for Avian Population Studies) waartoe het Faunafonds in 2011 opdracht heeft verleend.

Hoofdvraag van de studie was hoe de in Nederland overwinterende flywaypopulatie kolganzen beheerd kan worden zodat zowel de landbouwschade wordt beperkt en tegelijkertijd de duurzame staat van instandhouding van de in Nederland overwinterende flywaypopulatie wordt gegarandeerd.

Uitkomsten
De aantallen in Nederland overwinterende Kolganzen zijn sinds 1970 sterk toegenomen. Deze groei ging gepaard met toenemende landbouwschade, die zich voor 90% voordoet op grasland en zich voor 85% concentreert in de provincies Friesland, Gelderland, Noord-Holland en Overijssel. Na 2000 stabiliseert de omvang van de bij ons overwinterende Noordzee-populatie van Kolganzen. Volgens de onderzoekers komt dat vooral door een afname van het broedsucces en in mindere mate door verhoogd afschot. Er bleek ook geen verschuiving vanuit de oostelijker gelegen trekroute van Kolganzen, die een eventuele achteruitgang van onze Noordzeepopulatie maskeert.

Als er meer ganzen worden afgeschoten zal weliswaar de populatie afnemen, maar de mate waarin dat gebeurt is moeilijk te voorspellen omdat de toenemende sterfte door het afschot mogelijk deels zal worden gecompenseerd door een hogere jongenproductie. Verhoogd afschot zal verder niet leiden tot een belangrijke reductie van de schade. Sterker nog, extra verjaging (of bejaging) kan leiden tot uitgestelde voorjaarstrek, een grotere voedselbehoefte van de ganzen en dus meer schade.

Provincies
De provincies hebben kennis genomen van de uitkomsten van de studie. De Waddenprovincies Friesland, Groningen en Noord-Holland nemen deel aan het Internationaal Waddenoverleg, waarin de beheerproblemen aan de orde komen. In dat Waddenoverleg wordt de provinciale ganzenaanpak afgestemd. De provincie Frieslandheeft in het najaar van 2015 mede namens de andere provincies, deelgenomen aan een internationale conferentie over het ganzenbeheer (de Goose Management Conference van de AEWA , het Afrikaans-Euraziatisch Watervogelverdrag, in Denemarken). Ook de kolganzenstudie werd daar gepresenteerd. De uitkomsten van deze studie worden betrokken bij de vervolgafspraken die gemaakt zullen worden naar aanleiding van deze conferentie.

Zie voor meer informatie het rapport Naar een effectief en internationaal verantwoord beheer van de in Nederland overwinterende populatie kolganzen op de site van Bij12 Unit Faunafonds.

bron: Bij12 Unit Faunafonds, 16/02/16

 

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk