Rechter vernietigt ontheffing voor afschot roeken in Zuid-Holland

De Rechtbank Den Haag heeft de ontheffing voor het doden van roeken in Zuid-Holland vernietigd. Samen met 15 lokale en regionale natuurorganisaties tekende de Natuur- en Milieufederatie Zuid-Holland beroep aan, omdat er minder roeken in Zuid-Holland zijn dan werd aangenomen en de vogels slechts zeer beperkt schade veroorzaken.

In april 2016 verleende de provincie Zuid-Holland een ontheffing voor het doden van roeken, omdat deze vogels schade kunnen aanrichten aan gewassen zoals appels, peren en mais. In haar beroep wees de Natuur- en Milieufederatie Zuid-Holland erop dat de roek slechts op een beperkt aantal plekken in Zuid-Holland voorkomt en er slechts incidenteel sprake is van schade aan land- en tuinbouwgewassen door roeken. In de afgelopen 5 jaar was er slechts 4 keer sprake van schade die voor een vergoeding in aanmerking kwam. Het structureel toestaan van het afschieten van roeken staat volgens de natuurorganisatie dan ook niet in verhouding staat tot de incidentele schadegevallen.

Ook gaven de natuurorganisaties aan dat het aantal roeken sinds langere tijd steeds verder afneemt. In Zuid-Holland is deze afname nog groter dan op landelijk niveau. In de ontheffing die aan de Faunabeheereenheid werd verleend op basis van het Faunabeheerplan werd aangegeven dat er sprake zou zijn van 2000 broedparen. Uit onderzoek van Sovon bleken dat slechts 850 broedparen te zijn.

De rechter oordeelde dat de provincie niet had aangetoond dat het verlenen van deze ontheffing noodzakelijk is. Ook had de provincie de concrete dreiging van belangrijke schade niet onderbouwd. Bovendien meende de rechtbank dat door de provincie niet aannemelijk was gemaakt dat de staat van instandhouding van de roek niet zal verslechteren door het afschot. Het besluit werd daarop door de rechtbank vernietigd.

Zie voor meer informatie de uitspraak op de site van de Natuur- en Milieufederatie Zuid-Holland.

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk