Artikel 3.33 WNB

  1. Het is verboden bij de uitoefening van een ontheffing of vrijstelling als bedoeld in artikel 3.10, tweede lid, in samenhang met artikel 3.8, eerste, onderscheidenlijk tweede lid, of derde lid, en met artikel 3.15, tweede en vierde lid, en bij de uitvoering van een opdracht als bedoeld in artikel 3.18, eerste lid, wilde zwijnen, reeën, damherten of edelherten te vangen of te doden door middel van drijven.
  2. Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat in afwijking van het eerste lid, het doden van wilde zwijnen is toegestaan door middel van een methode, waarbij één persoon wilde zwijnen opzettelijk verontrust met het oogmerk deze dieren binnen het schootsveld van één geweerdrager te drijven, opdat deze de dieren kan doden, en waarbij geen hond wordt ingezet.
  1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de voorschriften die aan vrijstellingen als bedoeld in de artikelen 3.15, tweede of vierde lid, of 3.16, tweede of vierde lid, ontheffingen als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, of opdrachten als bedoeld in artikel 3.18, eerste lid, worden verbonden, of de beperkingen waaronder die vrijstellingen of ontheffingen worden verleend, onderscheidenlijk die opdrachten worden gegeven, ingeval die nodig zijn ter uitvoering van internationale verplichtingen of bindende besluiten van de Europese Unie of andere volkenrechtelijke organisaties.
Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk