Verslag NOJG Hoogzitdebat 20 februari DorhoutMees Biddinghuizen

Nog nooit was de stem van de jager zo belangrijk als nu. De nieuwe Wet natuurbescherming gaat op in de Omgevingswet in 2018 en wordt in 2019 geëvalueerd. Dat zijn momenten waarop de door ons gekozen Tweede Kamerleden hun invloed kunnen laten gelden. Dus onze keuze nu heeft grote gevolgen voor de wet- en regelgeving later.

Dat onze (voorkeur)stem – die van jagers en boeren – wel degelijk heel bepalend is, werd pas echt goed zichtbaar toen bij de verkiezingen van het Europees Parlement in 2014 de Twentse boerin Annie Schreijer-Pierik (lijstduwer voor het CDA) met 113.000 voorkeurstemmen werd gekozen! Nu is zij hét boegbeeld van jagers en boeren in Europa.

Om u te helpen bij het maken van de juiste keuze heeft de NOJG een bijeenkomst met kandidaat Tweede Kamerleden georganiseerd: het Hoogzitdebat. Onder leiding van René Leegte, voorzitter van de Vereniging Het Reewild en voormalig Tweede Kamerlid, gingen Stijn Steenbakkers (CDA), Sjaak Simonse (SGP) en Rudmer Heerema (VVD) met elkaar in debat.

[ Ter voorbereiding heeft de NOJG diverse politieke partijen een vijftal stellingen toegestuurd. De reacties van het CDA, de VVD, de SGP en de Christenunie zijn gepubliceerd in Jacht & Beheer van februari. ]
De avond werd geopend door Jachthoornblazersgroep Panneland uit Vogelenzang met ‘Jagers verzamelen’ en ‘De Begroeting’. De in de zaal aanwezige honden deden vrolijk mee. Gert Jan Oplaat, voorzitter van onze vereniging, heette ieder hartelijk welkom en was erg blij met de grote opkomst; de zaal was volledig gevuld. Oplaat zette meteen de toon voor de avond. Hij noemde het Hoogzitdebat een hoogtepunt voor de democratie. Ook onze belangen worden verdedigd; door wie, dat mogen we zelf bepalen aan de hand van wat de aanwezige politici ons te vertellen hebben. Maar de belangrijkste boodschap van Oplaat was dat hij zich beschikbaar stelde voor nog een periode als voorzitter van de NOJG. Op de ALV in juni mogen de leden – inmiddels ruim 4.200 – daarover beslissen.

Een korte introductie van de drie politici:


Op basis van de peilingen heeft Stijn Steenbakkers, nummer 24 op de lijst van het CDA, van de drie kandidaten de grootste kans om in de Tweede Kamer te komen; zeker wanneer het CDA gaat meeregeren. Steenbakkers: ‘Onze omgeving kijkt anders naar de jacht dan wij. Hoe kunnen we de verbinding maken tussen mens, dier en milieu? We moeten onze boodschap duidelijk neerzetten.’

Sjaak Simonse van de SGP -nummer 21 op de lijst – wordt vanwege zijn handel in smeermiddelen vaak OlieSjaak genoemd; hij is er trots op. Simonse zoomt in op het dossier Oostvaardersplassen. Erg ingewikkeld volgens hem. ‘De Tweede Kamer kwam er niet meer doorheen maar toen het eenmaal bij de Provincie lag hebben wij en VVD het voor elkaar gekregen dat in de OVP wordt beheerd op basis van draagkracht van het gebied.’ Ook hier is Simonse trots op.
Voor de VVD in de Tweede Kamer is Rudmer Heerema nu nog hoofdwoordvoerder voor de Wet natuurbescherming. Op basis van de peilingen en zijn plaats op de kieslijst – nummer 40 – is de kans klein dat hij terugkeert in de Kamer. En dat is erg jammer, Heerema is het waard om op basis van voorkeurstemmen weer in de Tweede kamer te komen. Hij zorgde er tenslotte voor dat wij nu nog jagen.

Heerema: ‘In de Wet natuurbescherming was een soort sterfhuisconstructie bedacht voor de jacht. Daar heb ik een stokje voor gestoken. De VVD zou niet al te moeilijk doen over de wet als de PvdA mee zou gaan met de (onze) jachtparagraaf.’ En zo geschiedde. Zij het met iets meer administratieve druk voor de jagers, is de toekomst van de jacht voorlopig veilig gesteld.
Gespreksleider Leegte hoefde geen enkele moeite te doen om de avond op gang te brengen. De introducties van de politici waren voldoende voor vragen uit de zaal.

Uit de zaal: Waarom is er in Den Haag geen actie ondernomen naar aanleiding van de diverse onderzoeken rondom de OVP? Heerema legt het heel eenvoudig uit: ‘Er is een linkse meerderheid in de Tweede Kamer, die niet op inhoud maar voornamelijk vanuit emotie acteert. De PVV kiest bij dit soort dossiers altijd de linkerkant. Wij – VVD, CDA, CU, SGP en Bontes/Van Klaveren – kunnen geen vuist maken.’ Leegte vult aan: ‘Daarbij komt bij dat politici vaak niet zoveel informatie of kennis van zaken hebben als de mensen in het veld.’

Leegte: ‘Hoe komen politici wel aan informatie?’ Alle drie aanwezige politici hebben veel contact met hun achterban. Heerema gaat veelvuldig mee op jacht en bezocht vorig jaar de Nimrod 2016. Simonse had met name contact met jagers en de FBE vanwege het dossier OVP en Steenbakkers ging op werkbezoek in Brabant vanwege de wilde zwijnenproblematiek. Dat soort acties levert hen veel informatie op. Steenbakkers: ‘Maar wij hebben nooit zoveel kennis en informatie als jullie. Daarom moet de verantwoordelijkheid voor benutten, beheren en beschermen meer bij de mensen in het veld worden gelegd. De politiek moet af van het idee dat het vanaf de tekentafel te regelen is.’

Heerema: ‘In het voortraject van de Wet natuurbescherming had ik veel contact met jagers en de jagersverenigingen. Maar ze hielden zich heel stil. Want dan waait het misschien wel over. Helaas werkt dat niet: laat je horen.’ Leegte: ‘We moeten meer gezamenlijk voor onze belangen opkomen. Als wij het niet doen, doet niemand het.’ Ook Oplaat mengt zich in de discussie en trekt zich de kritiek van Heerema aan. ‘Jagers worden gevangen gehouden in het web aan regels. Althans, zo voelen ze dat. Mogelijk dat het daardoor zo lastig is om onze leden te mobiliseren. Wij moeten zichtbaarder worden en onze belangen verdedigen. De regionale besturen van de NOJG kunnen dat invullen. Dus mensen, meld u aan.’

Uit de zaal: ‘Waarom is er geen minister van Landbouw?’ Simonse geeft aan dat de SGP in een volgend kabinet graag een minister van Landbouw wil. Steenbakkers sluit zich daarbij aan. Heerema laat weten dat de VVD minder overheid wil en dus niet per se een minister. Het kan best een staatssecretaris zijn, zoals nu het geval is. Het belangrijkste is dat het werk wordt gedaan. Een eis is wel dat de minister of staatsecretaris kennis van zaken heeft. Steenbakkers verdedigt zijn standpunt nogmaals waarna de zaal applaudisseert voor een minister van Landbouw.

Uit de zaal: De administratieve lastendruk is voor de meeste jagers veel te hoog. Hoort tellen ook bij de administratie? Heerema: ‘De regeldruk was in principe heel zwaar; dat is met de nieuwe Wet natuurbescherming duidelijk minder. Heel vervelend dat de administratieve lastendruk wat is toegenomen maar de andere kant van de medaille is dat er anders helemaal geen jacht meer zou zijn geweest.’

Uit de zaal: De positie van de grondgebruiker in het jachtbedrijf moet beter. In de FBE moet er plaats komen voor een vertegenwoordiger (stakeholder) van de grondgebruikers. Dat geldt ook voor de WBE’s. Er komen nieuwe statuten voor de WBE’s, dat is een mooi moment om in de besturen een vaste plek voor een grondgebruiker in te richten. Heerema vindt dat het logisch is dat er in de FBE een vertegenwoordiger van de grondgebruikers komt, ‘Maar het is niet in de wet geregeld. En we moeten het ook niet verplicht stellen.’ Simonse gaat zich er hard voor maken om bij de evaluatie van de Wet Natuurbescherming een plek te claimen bij de FBE voor grondgebruikers vanwege een goede bestuurlijke balans.

Uit de zaal: ‘Welke mogelijkheden zijn er om de jeugd al vroeg te betrekken bij de jacht? Bijvoorbeeld in het basisonderwijs?’ Steenbakkers is voor want ‘Hoe komt het vlees op je bord?’ Hij wil natuureducatie verplichten voor het (basis)onderwijs. Simonse gaat daarin mee. Als aanvulling wil hij spreekbeurtpakketten voor scholieren. Heerema is tegen. Niet tegen het betrekken van jeugd bij de natuur en de jacht. Maar tegen het verplichtstellen. Dat geeft teveel weerstand waardoor de jacht juist weer in een negatief daglicht wordt geplaatst. Als het er toch van komt, dan zijn de drie politici het er over eens dat de jager in de klas – of beter nog, buiten in de natuur – het verhaal moet vertellen.

Uit de zaal: ‘Een zorgwekkende situatie: er is steeds minder toezicht en handhaving in het buitengebied. Dat moet weer terug. Er zijn nog maar 400 boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaar). Wat gaat u daaraan doen?’ Heerema: ‘Ik moet bekennen dat er niets over in ons verkiezingsprogramma staat. Er is in de achterliggende periode wel geld uitgetrokken om het opleidingsprogramma voor boa’s eenvoudiger te maken en meer boa’s aan te trekken. Maar beide is niet gelukt. Het probleem in het buitengebied wordt inderdaad steeds groter. En boa’s zijn onze ogen en oren in bos en veld; de meeste meldingen komen van jagers en boeren. Dit is zeker een aandachtspunt voor het volgende kabinet.’ Simonse is voor een gerichte aanpak van stroperij en voor meer boa’s. Steenbakkers vertelt over de task force drugscriminaliteit in Brabant en waarschuwt voor verschuiving naar de omliggende provincies.

Uit de zaal: ‘Waar blijven de weidevogels? Er zijn grote zorgen over de toegenomen predatie door vos, verwilderde kat, reiger, ooievaar, das, ekster, etc. Weidevogels verdwijnen. De kleinwildstand loopt terug. En de boeren krijgen de schuld.’ Heerema: ‘Als de VVD over weidevogels begint dan komt Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren met de laser als oplossing. Er komt werkelijk niets van de grond. Alles wordt tegengehouden door het linkse blok in de Kamer.’ Steenbakkers heeft een schrijnend voorbeeld van een zinloze actie en geldverkwisting: bij de grens met Duitsland bouwen we voor miljoenen aan tunnels voor dassen zodat ze niet doodgereden worden. Maar vijf kilometer verderop, aan de andere kant van de grens, worden ze afgeschoten.’ Hij pleit dan ook voor gelijke Europese regels. Voor Leegte is de vraag uit de zaal een hartenkreet van waar de passie voor de natuur en de zorg om behoud van biodiversiteit in doorklinkt. Dat hoort óók bij jagers.

Ter afsluiting geven de drie kandidaat Tweede Kamerleden nog even hun visitekaartje af:

Heerema – VVD:

“Er moeten mensen zijn die voor jagers opkomen. Ik heb de jacht gered in de nieuwe Wet natuurbescherming. Kies voor kennis in de Kamer. Kiest u niet voor mij, dan toch in ieder geval voor CDA of SGP”.

VVD: Rudmer Heerema 39 jaar,

  • Nummer 40 op de lijst van de VVD voor de Tweede Kamer;
  • Lid Tweede Kamer voor de VVD als woordvoerder Sport en Economische Zaken (Natuur en Dieren);
  • Hoofdwoordvoerder Wet natuurbescherming in de VVD fractie;
  • ‘Uitbreiding van de vrijstellingslijst brengt meer evenwicht in de natuur.’
  • ‘Kies voor iemand in de Kamer die uw belangen verdedigt.’
  • ‘Leg het publiek uit wat u doet. Zorg dat men weer vertrouwen in de jager krijgt.’
  • Twee wapenfeiten:
    • door zijn politiek sterke optreden rondom invoering Wet natuurbescherming is de jachtpraktijk nauwelijks veranderd. (Uitgangspunt was eerste jacht verdwijnt);
    • Omdat in de Tweede Kamer geen beweging was te krijgen in het dossier Oostvaardersplassen (OVP), heeft onder andere Heerema ervoor gezorgd dat het dossier naar de Provincie (Flevoland) werd overgedragen;

Simonse -SGP:

‘Er moet nuchterheid in de Kamer komen. De SGP is de landbouwpartij in de Tweede Kamer. Wanneer er geen jacht meer is, dan wordt het een zooitje.’

SGP: Sjaak Simonse 44 jaar,

  • Nummer 21 op de lijst van de SGP voor de Tweede Kamer;
  • Statenlid en fractievoorzitter SGP Flevoland;
  • ‘We hebben, samen met de VVD en veel andere partijen, eindelijk stappen kunnen zetten in het deerniswekkende dossier Oostvaardersplassen.
  • ‘Onze nuchtere kijk op landbouw en natuurbeheer is elementair in de Tweede Kamer.’
  • ‘De SGP is voorstander van het uitbreiden van de vrijstellingslijst; met de gans al eerste kandidaat.’

Steenakkers – CDA:

 ‘Jacht hoort thuis bij de mensen die er verstand van hebben. Er moet een minister van Landbouw komen. En maak drukjacht op wilde zwijnen mogelijk want anders hebben we over tien jaar een megaprobleem.’

 30 jaar

  • Nummer 24 op de lijst van het CDA voor de Tweede Kamer;
  • Lid Statenfractie CDA Noord-Brabant, woordvoerder Financiën & Economische Zaken;
  • ‘We moeten op zoek naar de verbinding tussen mens, dier en milieu.’
  • ‘De jacht is een klein maar belangrijk onderwerp.’
  • ‘Ruimte voor drukjachten als antwoord op de wilde zwijnenproblematiek.’
  • ‘Het CDA is voor een minister van Landbouw.’
  • ‘Brede natuureducatie in het basisonderwijs, met jacht als onderdeel, is elementair.’

 

Steeds weer komen in de zaal, van zowel de politici als van de toehoorders, dezelfde geluiden. ‘Zet de luiken open. Leg uit wat we doen. Laat zien waar we mee bezig zijn. Vertel het verhaal. Word je aangesproken, zie het niet als een aanval maar als een kans. Ga het gesprek aan want we hebben zo’n mooi verhaal.’ Deze teksten geven goed aan wat de sfeer in de zaal was en dat we mogelijk een nieuw tijdperk ingaan: de coming out van de jager!

Oplaat bedankt gespreksleider René Leegte, de drie politici Heerema, Steenbakkers en Simonse en vooral de bezoekers. En natuurlijk de organisatoren van dit eerste, zeer geslaagde Hoogzitdebat. Oplaat pleit om van het Hoogzitdebat een traditie te maken. Jaarlijks of alleen bij verkiezingen. Maar dan wel met Europarlementariërs erbij. Alle partijen zijn het daarmee eens want ze willen graag weten wat er speelt. En gezamenlijk optrekken vanuit eigen standpunten met respect voor elkaar. Oplaat doet nogmaals een oproep aan de leden om zich aan te melden voor de regionale besturen.

Opvallend was dat er zoveel mensen nableven praten. Tijdens een gezellige nazit werden er al weer plannen gemaakt voor de toekomst …

Print Friendly

Reageren is niet mogelijk