Brief NOJG aan Minister Veiligheid en Justitie over de invoering e-screener

 

Aan:  Ministerie van Veiligheid en Justitie

Mr. F.B.J. Grapperhaus

Postbus 20301

2500 EA Den Haag

 

 

Haaksbergen 17 oktober 2019

 

Betreft: e-screener jachtakte/verlofhouders

Brief: U031/NOJG/2019

 

Excellentie,

 

Op vrijdag 20 september jongstleden ontvingen wij van uw ministerie een e-mailbericht dat de e-screener per 1 oktober 2019 een verplicht onderdeel wordt bij het aanvragen van de eerste jachtakte. Tevens werd met het van kracht worden van art 6a Wet Wapens en Munitie aangegeven dat alle jachtaktehouders de komende drie jaar door middel van de e-screener psychisch getest zullen worden.

Onze leden worden opeens geconfronteerd met de invoering van de e-screener. U kunt zich voorstellen dat dit vele vragen oproept die wij helaas niet kunnen beantwoorden. Maar ook de politie niet. De politie verwijst namelijk naar het Ministerie van Justitie. Er is echter geen e-mailadres of telefoonnummer bekend gemaakt waar we met onze vragen terecht kunnen.

Wij betreuren het dat wij niet in een eerder stadium zijn betrokken bij de invoering van de e-screener zoals u dat kennelijk wel deed met de KNSA en KJV.

Wij willen graag weten hoe de privacy van de jachtaktehouders wordt gegarandeerd bij het beantwoorden van de vragen. Er is immers sprake van een externe partij, namelijk het bedrijf Lamark. Niet duidelijk is wie hierop toezicht heeft en door wie deze wordt gecontroleerd. In het advies van Het College voor Bescherming van Persoonsgegevens wordt kenbaar gemaakt dat er allerlei koppelingen tussen verschillende systemen zijn aangebracht. Opnieuw is niet helder hoe de veiligheid van de persoonsgegevens worden geborgd.

Ook willen wij graag weten hoe de parameters in het programma tot stand komen en wie deze heeft bepaald. Wij veronderstellen dat u in uw brief van 7 oktober hierop doelt als u het hebt over kalibratie. Zeker jegens de 60.000 burgers die naar u zelf aangeeft een wapenvergunning te hebben is het bepaald niet zorgvuldig om een systeem in te voeren waarvan u zelf memoreert dat de kalibratie zodanig is afgesteld dat het niet vanzelfsprekend zal zijn dat alle verloven positief gehonoreerd zullen worden. De “gedupeerden” moeten dan maar in administratief beroep gaan. Hierin heeft de aanvrager de gelegenheid, zoals u zelf zegt om de uitkomst van de e-screener te betwisten.

Hier komt wat ons betreft de aap dus echt uit de mouw, want het resultaat van een computersysteem is voor de gemiddelde leek nauwelijks te betwisten en dus is de machine leidend geworden.

Wij betreuren het in ernstige mate dat de informatievoorziening uwerzijds veel te wensen overlaat. Dit heeft direct tot gevolg een gevoel van onbehagen, wantrouwen, bij onze leden. De digibeet of analfabeet voelt zich helemaal verloren.

In dit verband is ons ook bekend dat onze buitenlandse leden, die in Nederland jachtgebied hebben en jagen ook gescreend moeten worden. Dit terwijl ze al beschikking hebben over een akte. Bovendien biedt de wet de mogelijkheid van gastjagers en hebben deze jagers immers al een geldige akte in het land van herkomst. Moeten deze jagers nogmaals gescreend worden en is er sprake van Europese afstemming?

Niet het feit dat er controle is levert problemen op, maar wel de manier waarop dat nu gaat gebeuren.

Ons is bekend dat er bij de behandeling van het wetsontwerp in de Tweede Kamer in 2014 en 2015 vele kritische vragen gesteld zijn op het punt van digitaal testen en op het punt van de veiligheid van de beschikbaar komende persoonlijke gegevens. De Raad van State heeft kritisch geadviseerd.

Zo heeft het College Bescherming Persoonsgegevens destijds invoering op basis van het toenmalig ontwerp ernstig ontraden. (Brief 25 nov. 2014).

Wat is er met deze adviezen gebeurd? Zijn ze gehonoreerd of zijn er wijzigingen in het wetsontwerp en uitvoeringsregelingen aangebracht? In hoeverre is er tegemoet gekomen aan de bezwaren?

Wij hechten met name veel waarde aan het advies van het College Bescherming Persoonsgegevens op het punt van het subsidiariteitsbeginsel. Is er onderzoek gedaan naar een andere, betere oplossing, die meer passend zou zijn? Dit te meer omdat er sprake is van de mens in zijn diepste wezen, die nu beoordeeld wordt door een digitaal systeem.

Vanzelfsprekend speelt hierbij de efficiency een rol. Maar zou een betere oplossing niet zijn om deskundige mensen met psychologische kennis als achtergrond dit soort onderzoeken te laten uitvoeren en de politie hierover te adviseren? Zeker in het licht van de kosten, die gemakshalve nu maar op het bordje van de burger terecht komen, die niet kan weigeren als hij een verklaring wil. Kosten die in het huidige systeem niet voorkomen.

Ook vragen wij ons af of u in de besluitvorming heeft meegenomen dat men in Finland, na enige tijd getest te hebben, tot de conclusie gekomen is dat de e-screener geen passende oplossing voor een verdieping en verzwaring van de controle op legaal vuurwapenbezit is.

Bij digitaal psychologisch testen is het usance dat het digitale systeem een hulpmiddel is in de hand van de psycholoog die op basis van de beschikbare gegevens diagnosticeert. Zo zal de politiebeambte, die echter niet getraind is op het punt van psychologische analyses, een diagnose moeten stellen. Wij veronderstellen dat aan de factor mens op dit punt van zaken voorbijgegaan wordt. Althans wij vinden hierover niets terug in de informatievoorziening. Wij vrezen dat het hulpmiddel voor de risicotaxatie een eigen leven gaat leiden met gevolg dat de mens de machine gaat volgen. Een verzwarende risicofactor is die van de mogelijkheden om te manipuleren. Immers, zoals wij al eerder aangaven, wie bepaalt de parameters en hoe komen deze tot stand?

In breder verband bezien zijn wij van mening dat op aspect van potentiële gevaren vuurwapenbezit in de samenleving wel heel zwaar ingezet wordt. Aan andere onderdelen wordt gemakshalve maar voorbijgegaan. Wat te denken van die automobilist, die al dan niet psychotisch in een machine rijdt, die dodelijk gevaarlijk is. Het programma ”Idioten op de weg” maakt hier dagelijks gewag van.

Onze gerechtvaardigde vraag is: “Zijn er of worden er politieambtenaren opgeleid om het hulpmiddel als hulpmiddel te gebruiken en een psychische analyse te maken, of om in ieder geval de juiste diagnose te kunnen stellen?”

Al eerder in deze brief hebben wij moeten constateren dat u de uitkomst van de e-screener kennelijk als leidend ziet. Mocht dit niet zo zijn dan horen wij dat uiteraard graag, maar vooralsnog gaan wij daarvan uit. Er moeten wel enige misvattingen zijn en daar willen wij graag duidelijkheid over.

Tot slot willen wij graag als erkende en fors groeiende landelijke belangenorganisatie van jagers betrokken worden bij een eventueel verder overleg over het legaal vuurwapenbezit door jagers.

 

Namens de NOJG,

 

 

Het Landelijk Bestuur,

De voorzitter,                     De secretaris,

G.J. Oplaat                           J.H. Scherpenkate

 

 

Idem: fracties Tweede Kamer der Staten-Generaal

Print Friendly, PDF & Email

Reacties zijn gesloten.