Ontheffing pilot predatie-beheer steenmarter in Friesland ter bescherming van de weidevogels

Bovenmatige predatie van nesten (nestsucces) of jonge kuikens (broedsucces) draagt bijvoorbeeld bij de grutto jaar op jaar bij aan jaarlijkse tekorten tot wel 10.000 uitgevlogen jongen op 25.000 broedparen. In dit tempo is de grutto binnen 10 jaar op een onomkeerbaar laag niveau beland en is de route naar uitsterven vrijwel voorspelbaar. 40 jaar onderzoek en bescherming hebben dat tij niet kunnen keren.

Ontheffing Wet natuurbescherming ten behoeve van de ‘pilot predatie- beheer steenmarter’ ter bescherming van weidevogels in de Soar- remoarre nabij Aldeboarn (Friesland).

 

Binnen het provinciale weidevogelbeleid achten zij het noodzakelijk dat predatiebeheer wordt toegepast. Onder predatiebeheer wordt het geheel aan maatregelen- verstaan dat erop is gericht het effect van predatie op weidevogels te verminderen. Het verlies van nesten en kuikens door predatie in de gebieden die voor weidevogels relevant zijn, zullen, overeenkomstig het weidevogel protocol, op drie manieren worden beperken:

  • Grasland- en waterbeheer afstemmen op voldoende kuikenoverleving. Dit speelt met name in de weidevogelkerngebieden. In deze gebieden zullen de waterhuishouding en het agrarisch gebruik (maaien, bemesten, etc.) moeten zijn aangepast, zodat er voldoende kuiken- land met een hoog waterpeil aanwezig is. Dit komt ten goede aan de kuikenoverleving. De voorwaarden bij de subsidies voor beheer in de kerngebieden voorzien hierin;
  • Beschermen en herstellen van de openheid van het landschep. Wanneer in en rond de weidevogelkerngebieden en parels voldoende openheid aanwezig is, hebben pre- datoren minder dekking waardoor weidevogels minder kwetsbaar zijn. Naast behoud van openheid gaat het hierbij ook om herstel van openheid door bijv. het kappen van houtopstanden;
  • Hinderen/bestrijden van predatoren binnen de wettelijke mogelijkheden. Deze maatregelen grijpen direct in op de aantallen van een soort in een gebied. Dit kan door afschot, maar ook door het plaatsen van rasters en verwijderen van nestgelegenheden en dekking.

Het gekozen pilot gebied de Soaremoarre ligt in het beheergebied van het collectief Gebiedscoörperatie It Lege Midden U.A. en voldoet aan de vereiste voorwaarden.

Zie voor meer informatie de volledig ontheffing voor het Pilot predatie-beheer steenmarter: ontheffing steenmarter

Mening NOJG in deze is;

dat forse achteruitgang de weide- maar ook de akkervogels zoals landelijk wordt geconstateerd vooral ook gezocht moet worden in het intensieve grondgebruik en de huidige landbouwmethoden, maar ook door de forse druk die door de predatoren nu veel te groot is geworden door de grote veelheid van de aantallen roofdieren, dit is dan momenteel ook de belangrijkste stressfactor voor weide- en akkervogels op die plekken waar weide- en akkervogels nog wel tot broeden komen.

Door de zeer goede omstandigheden in Nederland door de milde winters en de strikte bescherming vanaf de invoering van de FF-wet zijn de roofdieren in Nederland sterk toegenomen in aantal en verspreiding.

Voor weide- en akkervogels zijn vos, zwarte kraai, hermelijn, wezel, reiger, buizerd en de oprukkende steenmarter de roofdieren met de meeste impact. Daarnaast zijn er nog een breed scala aan andere roofdieren die ook poederen van de weide- en akkervogels niet versmaden en ook (ei of kuiken) meepikken, zoals bijvoorbeeld ooievaar, bruine kiekendief, huiskatten, stormmeeuw, kleine mantelmeeuw, zilvermeeuw, egel, honden, torenvalk, das, sperwer, havik en kauw. Maar ook nieuwkomers als wasbeer en wasbeerhond kunnen in de nabije toekomst een rol spelen in predatie van grondbroeders.

Weide- en akkervogels zijn niet toegerust op en aangepast aan de grote aantallen roofdieren.

De NOJG is net als de Jagersvereniging van mening dat de verlaging van predatiedruk door voorzorg en bejaging van de belangrijkste roofdieren is één van de absolute voorwaarden om het voortplantingssucces en de verspreiding van de weide- en akkervogels weer op een duurzaam niveau te krijgen.

De kern hiervan is:

1- Beperk (her)vestiging van roofdieren;

2- verminder de dichtheid van de belangrijkste roofdieren;

3- iedereen doet mee; ook de natuurorganisaties en de provincies

4- registratie van predatie;

5- Evaluatie van het resultaat.

De Jagersvereniging heeft hiervoor een gidsdocument opgesteld met welke mogelijkheden er zijn om roofdieren effectief en efficiënt te bejagen of anderszins in dichtheid te beperken. Zij geven handvatten voor het verlagen van de predatiedruk. Zodat ook onze kinderen en kleinkinderen van onze weide- en akkervogels kunnen blijven genieten.

Zie de bijlage Jagersvereniging;Gidsdocument-effectief-predatiedruk-verlagen-6-maart-2018

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk