Pink Workingtest, 5e editie t.b.v. KWF

We gaan terug in de tijd, en wel naar het jaar 1999.

In dat jaar ben ik 38 jaar en sta volop in het leven. Heb een leuke baan als tandtechnicus en heb op dat moment mijn lieve vriendin Jacqueline. We wonen heerlijk samen in Wageningen. Niets lijkt ons in de weg te staan voor een mooie toekomst. Echter merkte ik dat mijn gezondheid achteruit ging en ik in korte tijd veel afviel. Toch had ik mijn verantwoordelijkheid op dat moment voor mijn eigen tandtechnisch laboratorium en moest iedere dag toch klaar staan voor mijn klanten. In het begin was dit nog wel op te brengen, maar toch merkte ik dat er meer aan de hand was. Na een bezoek aan de huisarts kom je terecht in de molen van het ziekenhuis. Op dat moment had ik erge dikke oedeem voeten, en dat was waar de artsen zich op concentreerden. Ik begon bij een dermatoloog die aangaf dat ik maar meer water moest gaan drinken voor het afvoeren van afvalstoffen. Het was een mededeling van een arts, maar zelf voelde ik aan mijn lichaam dat er meer aan de hand was. Toch sta je op dat moment machteloos en ga je gewoon door met je dagelijks leven. Het leven begon steeds moeilijker te worden. Overdag had ik nog wel afleiding, maar zeker in de nachten was ik de weg kwijt. Ik had me niet meer in de hand en wist helemaal niet meer waar ik mee bezig was. Slapen kon ik niet, en moest per nacht wel 3x mijn bed verschonen omdat ik zo transpireerde. Terwijl Jacqueline lekker lag te slapen, ze moest natuurlijk ook gewoon werken, liet ik s’nachts het bad vol lopen en ging hier een uur inliggen. Dit was natuurlijk niet de manier om de nachten door te komen. Ik zei dan tegen mezelf “Robin, ga lekker naar bed en ga rustig slapen”.

Toch wat voor iedereen gewoon is, was voor mij op dat moment een hel. Na weer een uur wakker te hebben gelegen, liet ik zo weer het bad vol lopen en en ging er weer een uur in liggen. De volgende ochtend ging gewoon weer de wekker, en ik verzette me gewoon om weer naar mijn zaak te gaan. 

Toch maar weer naar het ziekenhuis om verdere onderzoeken te laten verrichten. Artsen dachten dat ik de ziekte van Crohn (chronische darmziekte) zou hebben. Ook dit konden de artsen afstrepen op hun lijstje, want dat was het ook niet. Ik bleef onder controle en moest vele onderzoeken ondergaan. Mijn gezondheid ging met de dag verder achteruit. Mijn werkplek lag aan de andere kant van Wageningen, maar niemand wist hoe slecht het met me ging en hoe ik de dag doorkwam. Ik sliep tussendoor in een stoel omdat ik de hele dag niet kon volbrengen. Als ik naar huis ging, wat al wel vroeger in de middag was, kon ik het niet volhouden om de rit van 3 km in één keer te rijden. Ik had mijn vaste plek op een parkeerplaats in het centrum van Wageningen waar ik in de auto een half uurtje ging slapen, waarna ik weer in staat was om de laatste 1,5 km naar huis te rijden. 

Ik merkte dat ik het leven zeer moeilijk begon te vinden, wat ze in het ziekenhuis ook nog gingen bevestigen door te zeggen dat “het zit tussen uw oren meneer van der Hart”

Ik had geen zin meer om op deze manier te leven, maar moest wel verder. Ik was op een gegeven moment al wel een half jaar verder, met nog steeds dikke enkels, pijn op 3 plaatsen in mijn buik, enorm afgevallen, verschrikkelijke nachten. Toch konden de artsen niets definitiefs vinden. Op een gegeven moment merkte ik dat ik niet meer goed uit mijn woorden kon komen, en begon dubbel te praten. Jacqueline merkte op dat ook het autorijden steeds moeilijker begon te worden, en ik niet meer netjes op mijn eigen weghelft bleef rijden. 

Toch bleef ik gewoon doorwerken, totdat ik s’ochtends een belletje kreeg van het ziekenhuis dat ik met spoed opgenomen moest worden. Ik was totaal uitgedroogd, wat natuurlijk mijn symptomen ook bevestigde. Aan de ene kant schrik je enorm, maar misschien was dit mijn verlossing van het leven wat ik op dat moment niet wilde meemaken. Het ziekenhuis moest ik met een rolstoel worden ingereden, omdat ik zelf niet meer de kracht had om die 30 meter zelf te lopen. Gelijk kreeg ik een infuus toegediend en ik was er zo slecht aan toe dat ik zelfs bloedtransfusie moest ondergaan. Maar toch was ik blij dat er nu 100% aandacht voor mij was. Gelijk worden er allemaal onderzoeken gepland en kleine biopt operatie’s. Eindelijk komt er wat uit, en krijg te horen dat ik kanker heb. Op dat moment is nog niet bekend welke kankersoort ik heb, maar de artsen vinden mijn toestand dermate slecht, dat ik direct aan de chemokuur moet beginnen. Omdat ze nog niet wisten welke soort kanker ik had, gaven ze mij een MOP ABV chemokuur die voor beide effectief zou zijn. 

Na enige dagen kwam het hoge woord eruit, en kreeg ik te horen dat mijn ziekte de ziekte van Hodgkin 3B was. 

Hiervoor moest ik een chemokuur volgen van 6 maanden. Deze kuren heb ik gevolgd terwijl mijn werkzaamheden gewoon door zijn gegaan. Ik lag dan een ochtend aan het infuus en ging dan daarna langs mijn klanten om werk op te halen. Achteraf gekkenwerk, maar je moet iets als je een eigen zaak hebt. 

Na de 6 maanden chemokuur heb ik nog een maand lang iedere dag een bestraling gehad. 

Het was voor mij, maar ook voor mijn familie een moeilijke periode. Toch ben ik ontzettend blij dat ik deze ziekte heb overwonnen, en nu 20 jaar later nog kan genieten van het leven op mijn eigen manier samen met mijn vrouw Jacqueline en onze zoon Floris van 16 jaar. De gevolgen die ik eraan over heb gehouden zijn Vincristine Neuropathie, waardoor mijn zenuwuiteinden zijn aangetast in handen en voeten, waardoor ik slecht ben gaan lopen en ook mijn handen vaak niet willen doen wat ik graag zou willen. 

Omdat ik dus weet uit eigen ervaring, ben ik enorm blij dat ik mee kan helpen door geld in te zamelen samen met Jacqueline en Leia voor het KWF. 

Robin en Jacqueline van der Hart

Pink Workingtest, 5e editie Word lid van ons team

Print Friendly, PDF & Email

Reacties zijn gesloten.