Nieuwsbrief NOJG juli 2024

NOJG: landelijk jachtverbod van tafel, maar situatie verschilt per provincie

HAAKSBERGEN – Onder NOJG-leden in den lande is enige onduidelijkheid ontstaan naar aanleiding van het bericht dat de houtduif, de zwarte kraai en de kauw voorlopig niet van de landelijke vrijstellingslijst worden gehaald. In de vorige week verschenen nieuwsbrief werd melding gemaakt van een door de Tweede Kamer aangenomen motie die dat moet regelen.

De strekking daarvan was dat de drie diersoorten tot nader order het hele jaar door kunnen worden bejaagd (met uitzondering van onder andere de provincies Friesland en Noord-Holland). Voorwaarde is wel dat kan worden aangetoond dat er binnen het werkgebied van een WBE sprake is van schade en dat die ook op deugdelijke wijze kan worden onderbouwd.

Aangezien het bericht enkel en alleen betrekking had op de Haagse werkelijkheid, bleef onvermeld dat de exacte regelgeving naar aanleiding van de landelijke vrijstellingslijst per provincie verschilt. Om misverstanden te voorkomen raadt de NOJG haar leden dan ook aan om bij twijfel altijd de website van de provinciale FBE te raadplegen.

Friesland

Zo is in de provincie Friesland de landelijke vrijstelling voor de Canadese gans, de houtduif, de kauw en het konijn momenteel niet van kracht. Een en ander heeft te maken met het ontbreken van een geldend faunabeheerplan voor deze vrijgestelde soorten. Bestrijding is daarom tot nader order niet toegestaan. Anders ligt dit voor de zwarte kraai. De jacht op deze vogel kan in de hele provincie Friesland plaatsvinden op basis van het goedgekeurde faunabeheerplan Predatie 2022-2026.

Noord-Holland

In de provincie Noord-Holland mogen de kauw en kraai, ondanks hun plek op de landelijke vrijstellingslijst, niet worden bestreden bij gebrek aan data. Onderzocht wordt nog of in geval van aanzienlijke schade perceelsgebonden ontheffingen kunnen worden verleend. Andere bedrijven kunnen wellicht een tegemoetkoming claimen. Vooral de houtduif is in Noord-Holland een belangrijke schadeveroorzaker. Het dier heeft het voornamelijk gemunt op vollegrondsgroenten. Voor 2023 staat de teller voor de houtduif alleen al op 1,6 miljoen euro. Verwacht wordt dat over 2024 de schade aanzienlijk hoger zal zijn.

Extra lucht

Ondanks het feit dat de uitwerking van de landelijke regels per provincie verschilt, noemde landelijk NOJG-voorzitter René Leegte, die al geruime tijd met de minister in gesprek is over een zogeheten stelselwijziging ten aanzien van de jacht, het besluit van de Tweede Kamer ‘goed nieuws’. ,,Dit geeft ons in de hoopvolle besprekingen over de zo gewenste stelselwijziging wat extra lucht. De Kamer zegt met zoveel woorden dat het verstandig is om gelet op de toekomst geen overhaaste beslissingen te nemen. Als NOJG kunnen we daar natuurlijk alleen maar blij mee zijn. De vele provinciale interpretaties geven al aan dat een stelselherziening dringend gewest is.”

Op 17 oktober vorig jaar nam de Tweede Kamer een motie aan die was ingediend door Eva Akerboom van de Partij voor de Dieren. In het stuk werd de minister opgeroepen de jacht op de houtduif, de zwarte kraai en kauw zo snel mogelijk te stoppen. Dat zou moeten gebeuren door deze soorten ‘zo snel mogelijk’ van de landelijke vrijstellingslijst te halen.

Te complex

Volgens de PvdD was snel ingrijpen noodzakelijk, omdat uit de tellingen die deze partij hanteert zou blijken dat de betreffende populaties onder druk staan, iets wat op basis van andere tellingen kan worden tegengesproken.

De motie werd destijds door voormalig minister Christianne van der Wal (VVD) ontraden, omdat zij van mening was dat de uitwerking te complex zou zijn. Desondanks werd de motie aangenomen.

Toekomst

Een meerderheid van de Tweede Kamer (in nieuwe samenstelling) is nu van mening dat de uitwerking van de motie inderdaad complex is en dat die onder meer grote financiële gevolgen heeft voor de provincies. De opstellers wijzen verder op het feit dat er nog altijd een wetenschappelijke discussie is over de verschillende in omloop zijnde telprotocollen.

Daarbij komt dat hard wordt gewerkt aan een toekomstbestendig stelsel om het huidige systeem van faunabeheer meer in lijn te brengen met de Europese regelgeving bij de ons omringende landen en administratieve lasten voor grondbezitters en beheerders te verkleinen.

De door de BBB-Kamerleden Cor Pierik en Caroline van der PLAS ingediende motie kreeg de steun van NSC, ChristenUnie, SGP, CDA, VVD, JA21 en PVV.

De Utrechtse statenfracties van de BBB en VVD hebben vragen gesteld nadat zaterdag een hond door een wolf werd aangevallen en meegenomen op landgoed Den Treek in Leusden. Dat meldt het AD. De politici willen onder meer weten of wordt overwogen om ook in Utrecht paintballgeweren in te zetten, aldus de krant.

De politieke ophef komt nadat eerder deze maand tijdens een wandeling met zijn baasje een hond gegrepen werd door een wolf, zich vervolgens met zijn buit uit de voeten maakte. De ontzetting is des te groter omdat het baasje de hond keurig had aangelijnd.

Het Utrechtse BBB-statenlid Kees van Vuuren zegt tegen het AD dat zijn fractie er behoorlijk van geschrokken is. ,,Tot nu toe gingen de berichten vooral over aanvallen van de wolf op vee.”

Dat er nu ook een incident heeft plaatsgevonden met een aangelijnde hond, zorgen voor grote onrust in het landelijke gebied, aldus het AD. Het vermoeden bestaat dat er al langere tijd meldingen zijn gemaakt van probleemgedrag door wolven in het gebied.

In jagerskringen in Overijssel wordt getwijfeld over de vraag of er na 1 september nog gejaagd mag worden in deze provincie. Dat meldt dagblad De Stentor. Aanleiding voor de onzekerheid is het feit dat Faunabeheereenheid Overijssel uitstel heeft gevraagd voor het wettelijke verplichte faunabeheerplan, maar dat is door de provincie geweigerd.

Jagen mag in Nederland alleen als er sprake is van onderbouwde plannen. In dergelijke faunabeheerplannen moet onder meer een analyse worden gemaakt van de schade die bepaalde diersoorten veroorzaken en op welke andere manieren die schade eventueel te voorkomen is. Daarnaast moeten tellingen van dieren opgenomen zijn.

Juridisch probleem

Een faunabeheerplan wordt gemaakt door diverse partijen, waaronder jagersorganisaties (WBE’s), landbouworganisatie LTO, terreinbeheerders en natuurorganisaties. Deze partijen, verenigd in de Faunabeheereenheid Overijssel (FBE) had de provincie gevraagd om verlenging van het bestaande faunabeheerplan, maar dat is volgens Gedeputeerde Staten juridisch onmogelijk.

Deelplannen

Volgens De Stentor kan het ontbreken van een geldig faunabeheerplan betekenen dat er na 1 september niet meer mag worden gejaagd in de provincie, tenzij er tijdig een nieuw plan wordt aangeleverd. Inmiddels hebben GS aangegeven dat er delen van een faunabeheerplan kunnen worden ingediend, zodat deze afzonderlijk beoordeeld kunnen worden. Bij die deelplannen zou het gaan om beheerplannen voor specifieke soorten zoals ganzen, reeën of exotische soorten, aldus De Stentor. Voorzitter Anneke Raven van de FBE Overijssel zegt tegenover de krant te hopen dat de deadline van 1 september daarmee voor grote delen van het Faunabeheerplan toch gehaald wordt.

Bekijk online  –  Uitschrijven  –  Privacy beleid



BIJ12 publiceert vernieuwde FaunaschadePreventieKits (FPK’s)

BIJ12 heeft nieuwe versies van de FaunaschadePreventieKits (FPK’s) gepubliceerd. De FPK’s zijn herzien op basis van nieuwe inzichten. Daarmee zijn de maatregelen effectiever tegen faunaschade en duidelijker voor de gebruiker. Vanaf 1 november 2024 toetst BIJ12, in opdracht van de provincies, preventieve maatregelen voor faunaschade op basis van de nieuwe FPK’s. Dit kan gevolgen hebben voor tegemoetkomingen in faunaschade. Daarom is het belangrijk dat grondgebruikers hun maatregelen controleren en waar nodig aanpassen op de nieuwe FPK’s.

 
Bekijk hier de FPK’s die gelden tot en met 31 oktober 2024

Nieuwe inzichten

Grondgebruikers zijn verantwoordelijk voor het voorkomen of beperken van schade aan hun landbouwgewassen die wordt veroorzaakt door beschermde dieren. In de FPK’s staat welke preventieve maatregelen genomen kunnen worden om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in faunaschade.

De FPK’s zijn herzien op basis van de nieuwste kennis op het gebied van ecologische effectiviteit, praktische inzetbaarheid en wet- en regelgeving. De maatregelen werken beter tegen faunaschade en zijn duidelijker voor de gebruiker. De herziening is, in opdracht van BIJ12, uitgevoerd door agrarisch adviesbureau De Natuurverdubbelaars en ecologisch adviesbureau Altenburg & Wymenga.

Effectieve maatregelen

Zowel de preventieve maatregelen uit de huidige FPK’s als nieuwe innovatieve maatregelen zijn getoetst. Dat gebeurde op basis van wetenschappelijk onderzoek, beoordelingen van experts en praktijkervaringen van agrariërs. Met ingang van de nieuwe FPK’s worden alleen nog effectieve maatregelen geaccepteerd. Maatregelen die de schadeveroorzakende diersoort niet voldoende verjagen of een hoge gewenningsgraad hebben, zijn verwijderd uit de FPK’s.

Een voorbeeld van een maatregel die niet terugkomt in de nieuwe FPK’s, is het gebruik van vlaggen en linten voor het verjagen van ganzen. Het is bewezen dat dit de schadeveroorzakende diersoort niet voldoende afschrikt en er snel gewenning optreedt. Daarom is het niet meer nodig om die maatregel te nemen om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in faunaschade.

Andere maatregelen werken juist goed, zoals vogelverschrikkers met akoestische en bewegende delen en de BirdAlert. Zij verjagen schadeveroorzakende diersoorten en zijn dus opgenomen in de nieuwe FPK’s. Nieuwe innovatieve maatregelen kunnen worden gemeld bij BIJ12. Ze worden dan periodiek bekeken en, als ze effectief zijn, toegevoegd aan de FPK’s.

Een nieuw onderdeel van de FPK’s is de praktische inzetbaarheid van de maatregelen. Daarbij is gekeken naar tijd, kosten en onderhoud. Ook zijn de FPK’s uitgebreid met aandachtspunten in de wet- en regelgeving rond de preventieve maatregelen. Daarmee bieden de FPK’s meer duidelijkheid en context voor de gebruiker.

Gevolgen voor tegemoetkomingen

Vanaf 1 november 2024 toetst BIJ12 de genomen maatregelen aan de hand van de nieuwe FPK’s. Om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in faunaschade, is het voor grondgebruikers van belang dat zij de preventieve maatregelen nemen die in de nieuwe FPK’s staan.

Voor een aantal diersoorten staan in de nieuwe FPK’s slechts enkele effectieve en redelijke maatregelen. Voor die diersoorten is het vanaf 1 november 2024 voldoende om één preventieve maatregel te nemen om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in faunaschade. Indien er voldoende maatregelen mogelijk zijn, blijft het vereist om twee preventieve maatregelen te nemen om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming. Grondgebruikers kunnen in de nieuwe FPK’s controleren wat in hun geval noodzakelijk is.

Verbeteren van gebruikersgemak

Nu de FPK’s inhoudelijk zijn herzien, gaat BIJ12 het gebruikersgemak en de uitstraling van de FPK’s verbeteren. Daarmee worden de preventieve maatregelen per situatie overzichtelijker en makkelijker vindbaar voor de grondgebruiker. BIJ12 verwacht dat die herziening deze zomer start en begin 2025 klaar is.

Vragen?

Hebt u vragen over de nieuwe FPK’s? Neem dan contact op met BIJ12 Faunazaken via info@mijnfaunazakenbij12.nl of 085 – 486 22 22.




Motie provinciale staten provincie Utrecht M24-71 Duurzame definitie Staat van Instandhouding aangenomen

 

De Provinciale Staten van Utrecht hebben woensdag 19 juni tijdens de bespreking van de SV Kadernota 2025-2028 een motie van de SGP voor een ‘duurzame definitie van de Staat van Instandhouding’ aangenomen. De SGP wil geen strengere richtlijnen voor de Staat van Instandhouding dan de Europese regelgeving opdraagt. De motie werd breed ondersteund, ook door de 50PLUS partij, UtrechtNu!, BBB, VVD en CDA.

Door de aanname van deze motie wordt de tekst in het Omgevingswetprogramma Fauna en Monitoring aangepast en een sterk gewijzigde definitie is opgenomen, wanneer sprake is van een gunstige staat van instandhouding van diersoorten ten opzichte van de gebruikelijke definitie te weten:

Flora en/of fauna is in een gunstige Staat van Instandhouding (SvI) als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

      • Voldoende populatiegrootte en neutraal tot positieve trend daarin;
      • Voldoende verspreidingsgebied en neutraal tot positieve trend daarin;
      • Voldoende omvang en kwaliteit van het beschikbare habitat en neutraal tot positieve trend daarin;

 overwegende dat

  • Eenduidigheid in het hanteren van definities helpt om onderbouwingen in een juridische omgeving te kunnen handhaven;
  • We als provincie streven naar een gunstige staat van instandhouding van diersoorten in de daarvoor bedoelde natuurlijke habitats;
  • De huidige omschrijving een fragiele basis biedt voor veel ontwikkelingen in de provincie;
  • Geen inzicht beschikbaar is voor veel soorten wat een voldoende populatiegrootte is en wat de draagkracht van de provincie

Dragen het college op:

  • De tekst in het Omgevingswetprogramma Fauna en Monitoring aan te passen naar de volgende omschrijving zoals ook in de Habitatrichtlijn is opgenomen1:
  • Flora en/of fauna is in een gunstige SvI als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
    • Uit populatie-dynamische gegevens blijkt dat de betrokken soort nog steeds een levensvatbare component is van de natuurlijke habitat waarin hij voorkomt en dat vermoedelijk op lange termijn zal blijven;
    • Het natuurlijke verspreidingsgebied van die soort niet kleiner wordt of binnen afzienbare tijd lijkt te worden;
    • Er een voldoende grote habitat bestaat en waarschijnlijk zal blijven bestaan om de populaties van die soort op lange termijn in stand te

1  https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:31992L0043&from=LV

Zie ook: haas-konijn-en-kleine-marterachtige-voortaan-beschermd-bij-ruimtelijke-activiteiten

 




Rapport eerste verkenning nieuwe monitoringstool psychische gesteldheid gereed

 

Voor de veiligheid in de gehele Nederlandse maatschappij wordt van belang geacht dat het vaststellen en monitoren van de psychische gesteldheid van wapenbezitters optimaal verloopt. In dit onderzoek is bestaande kennis van experts hierover verzameld tijdens een aantal sessies. Die kennis moet bijdragen aan de ontwikkeling van instrumentarium. Daarmee kunnen de risico’s van wapenbezit tot een minimum worden beperkt.

Eerste stap

Dit omdat het ministerie nog altijd op zoek is naar een geschikt beoordelingssysteem, nadat twee jaar geleden het gebruik van de e-screener werd opgeschort. Het ministerie heeft daarom een rapport van het Verwey-Jonker Instituut laten opstellen en daarmee een eerste stap genomen naar het definiëren van een methode die volgens haar beter geschikt zou zijn om de psychische gesteldheid te toetsen. Dit is naar de Tweede Kamer gestuurd.

In juli 2022 werd het gebruik van de digitale psychologische toets, oftewel de e-screener, bij het aanvragen van een erkenning, consent, ontheffing, een vergunning of een verlof opgeschort. Het systeem werkte niet en leidde tot rechtszaken van jagers die onterecht na jaren ineens als ‘ongeschikt’ werden gekwalificeerd op basis van deze ondeugdelijke digitale vragenlijst. Vervolgens werd vanuit de overheid teruggegrepen op de vertrouwde toetsingsmethode om de betrouwbaarheid van de akteaanvrager te toetsen: het WM32-formulier. Het gedateerde formulier kreeg een update en moest tijdelijk uitkomst bieden bij nieuwe aanvragen.

Het moet duidelijk zijn wat je met een nieuwe beoordelingssystematiek wilt bereiken en of dit met het oog op bestaande wetgeving wel kan. Daarnaast is het belangrijk om keuzes te maken over de foutmarges en de gevolgen van een nieuwe systematiek die acceptabel worden geacht. Er zullen altijd gevallen zijn waarbij op basis van de beoordeling onterecht wordt geconcludeerd dat personen niet in aanmerking moeten komen voor een wapenvergunning en gevallen waarbij onterecht wordt geconcludeerd dat zij wel in aanmerking kunnen komen voor een wapenvergunning. Gevallen in deze laatste categorie zijn uiteraard een probleem voor de maatschappelijke veiligheid. Vooraf dient te worden bepaald in hoeverre dergelijke gevolgen acceptabel zijn, omdat hieruit de eisen volgen waaraan een systematiek moet voldoen. Deze eisen zijn bepalend voor de manier waarop een beoordelingssystematiek wordt ingericht en voldoet.

Brede definitie psychische gesteldheid

Tijdens de sessies met experts is aan de orde gekomen dat psychische gesteldheid niet gelijk moet worden gesteld aan alleen het hebben van een psychische stoornis. Allereerst betreft een psychische stoornis vaak een scala aan ernstige of minder ernstige symptomen of verschijnselen. Daarnaast is psychische gesteldheid breder dan alleen stoornissen. Risico’s als gevolg van een stoornis hangen mede af van de fysieke en sociale omstandigheden waarin iemand zich bevindt. Het wordt daarom aanbevolen om in een beoordelingssystematiek psychische gesteldheid breder te definiëren dan psychische stoornis en daarnaast de levensomstandigheden, sociale omgeving en coping strategieën van een persoon mee te nemen in de beoordeling.

Na een eerste lezing van het rapport zien wij de intentie van het ministerie om het proces daar naartoe zorgvuldig te doorlopen. Het is natuurlijk van groot belang om niet te vervallen in dezelfde fouten, die tot de vele problemen hebben geleid rondom de invoer van de e-screener in 2019, waarbij vaak de menselijke maat verloren is gegaan, bij de uitvoering hiervan.

De NOJG hoopt dan ook net als de Jagersvereniging dat ook zij als stakeholders betrokken worden bij dit beoordelingssysteem en niet dat het een eenzijdig verhaal wordt wat door het Ministerie van Justitie en Veiligheid en haar experts beoordeeld wordt

Lees hier het volledig rapport.




Nieuwsbrief juni 2024

DEN HAAG – De houtduif, de zwarte kraai en kauw worden voorlopig niet van de landelijke vrijstellingslijst gehaald. Dat is de strekking van een motie die deze week door de Tweede Kamer is aangenomen. Een en ander betekent dat de drie diersoorten tot nader order het hele jaar door kunnen worden bejaagd, op voorwaarde dat kan worden aangetoond dat er binnen het werkgebied van een WBE sprake is van schade.

De door de BBB-Kamerleden Cor Pierik en Caroline van der PLAS ingediende motie kreeg de steun van NSC, ChristenUnie, SGP, CDA, VVD, JA21 en PVV.

Landelijk NOJG-voorzitter René Leegte, die al geruime tijd met de minister in gesprek is over een zogeheten stelselwijziging ten aanzien van de jacht, noemt het besluit van de Tweede Kamer ‘goed nieuws’. ,,Dit geeft ons in de hoopvolle besprekingen over de zo gewenste stelselwijziging wat extra lucht. De Kamer zegt met zoveel woorden dat het verstandig is om gelet op de toekomst geen overhaaste beslissingen te nemen. Als NOJG kunnen we daar natuurlijk alleen maar blij mee zijn.”

Op 17 oktober vorig jaar nam de Tweede Kamer een motie aan die was ingediend door Eva Akerboom van de Partij voor de Dieren. In het stuk werd de minister opgeroepen de jacht op de houtduif, de zwarte kraai en kauw zo snel mogelijk te stoppen. Dat zou moeten gebeuren door deze soorten ‘zo snel mogelijk’ van de landelijke vrijstellingslijst te halen.

Te complex

Volgens de PvdD was snel ingrijpen noodzakelijk, omdat uit de tellingen die deze partij hanteert zou blijken dat de betreffende populaties onder druk staan, iets wat op basis van andere tellingen kan worden tegengesproken.

De motie werd destijds door voormalig minister Christianne van der Wal (VVD) ontraden, omdat zij van mening was dat de uitwerking te complex zou zijn. Desondanks werd de motie aangenomen.

Toekomst

Een meerderheid van de Tweede Kamer (in nieuwe samenstelling) is nu van mening dat de uitwerking van de motie inderdaad complex is en dat die onder meer grote financiële gevolgen heeft voor de provincies. De opstellers wijzen verder op het feit dat er nog altijd een wetenschappelijke discussie is over de verschillende in omloop zijnde telprotocollen. Daarbij komt dat hard wordt gewerkt aan een toekomstbestendig stelsel om het huidige systeem van faunabeheer meer in lijn te brengen met de Europese regelgeving bij de ons omringende landen en administratieve lasten voor grondbezitters en beheerders te verkleinen.

AMERSFOORT

– Landelijk NOJG-voorzitter René Leegte is blij met de benoeming van Rolf Overdiep tot nieuwe voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging. Diens praktische kennis en bestuurlijke ervaring bieden volgens Leegte nieuwe perspectieven in de discussie rond een stelselwijziging voor de jacht. ,,Met de wil en de kennis van de BBB, die in de persoon van minister Femke Wiersma leiding gaat geven aan het nieuwe ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, is er goede hoop op een constructief beleid, maar het is geen vanzelfsprekendheid.

Ik kijk dan ook uit naar onze samenwerking”, aldus Leegte.
Unanieme steun

Overdiep, die de afgelopen zes jaar leiding gaf aan de Koninklijke Vereniging voor Natuurtoezicht (KNVVN), werd op 11 juni jongstleden met unanieme steun van de Ledenraad van de Jagersvereniging gekozen tot nieuwe voorzitter. Hij volgt in die functie Theo ten Haaf op, met wie de NOJG volgens Leegte de afgelopen jaren ook zeer goed heeft samengewerkt. ,,Als NOJG zijn wij hem daarvoor alle dank verschuldigd.”  

Nieuwe dialoog

Overdieps visie op het natuurbeheer in brede zin biedt volgens Leegte mogelijkheden voor een nieuwe constructieve dialoog met het nieuwe ministerie Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. Zeker nu de stelselwijziging jacht niet is opgenomen in het hoofdlijnenakkoord van de nieuwe regering en daarmee een vrije kwestie is. ,,Rolf heeft onlangs nog in een interview in ons blad Jacht & Beheer blijk gegeven van zijn duidelijke visie op het buitengebied en hoe wij er samen voor moeten zorgen dat dat buitengebied een goede toekomst heeft.” Rolf Overdiep zelf heeft veel zin in zijn nieuwe functie, laat hij weten. Hij begint officieel aan het eind van deze maand, als hij de voorzittershamer bij de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Natuurtoezicht heeft neergelegd

Aanrijdingen met groot wild: 30 tot 40 miljoen euro schade.

VAASSEN – De schade door aanrijdingen met groot wild in Nederland bedraagt 30 tot 40 miljoen euro per jaar. Dat schrijft dagblad de Stentor op basis van gegevens van de Stichting Wildaanrijdingen Nederland in Vaassen.

De stichting schat dat er elk jaar opnieuw ten minste zo’n 25.000 aanrijdingen plaatsvinden met in het wild levende (grote) dieren, waaronder reeën (10.000) edelherten (200), damherten (150), wilde zwijnen (400-1600, afhankelijk van de voedselomstandigheden). Daar komen aanrijdingen met wolven, dassen, otters, bevers, egels, hazen, vossen, steenmarters en vele andere soorten nog bij, aldus de Stentor, die de cijfers ‘schokkend’ noemt.

Verzekeringspremies

Het grote aantal aanrijdingen heeft ook gevolgen voor de premie van de autoverzekeringen. De gevolgen van een aanrijding tussen een personenauto en een wild dier van enige omvang zijn niet te onderschatten, aldus berekeningen die de Stentor ruim een jaar geleden publiceerde. ,,Het gewicht dat vrijkomt op de front van de auto, bij een aanrijding met een edelhert met een snelheid van 60 kilometer per uur, staat gelijk aan het gewicht van een volwassen olifant van 5000 kilogram.”

Wolf meldt zich aan ontbijttafel ouder echtpaar Overijssel.

BORNE – Twee zeventigplussers uit het Overijsselse Borne kregen vorige week de schrik van hun leven toen ze plotseling werden geconfronteerd met een wolf. Dat schrijft dagblad Tubantia in een uitgebreide reportage naar aanleiding van het onaangekondigde bezoek.

Beste klap

Terwijl Tjeerd en Ida rond zeven uur aan de keukentafel van hun ontbijt zaten te genieten, sprong er opeens een wolf met de poten omhoog tegen de achterdeur. Met de boterham in hand keken ze het beest recht in de ogen, tekende Tubantia op. „Het ging zo snel, je beseft amper wat er gebeurt”, aldus Tjeerd nog vol schrik tegenover de krant. ,, Ik zag eerst wat bruins over de schutting schieten. Voor ik besefte wat er gebeurde stond hij met de poten omhoog tegen het raam van de achterdeur Ik schrok me dood. Ik ben blij dat ik dubbel glas heb, anders was hij er doorheen gegaan. Het was een beste klap.”

Ook buurtgenoot Wil Wissink (87) kreeg bezoek van naar alle waarschijnlijkheid de ‘grote boze wolf’. „Ik ging vanmorgen naar buiten en zag kapotte potten, een doorgebeten tuinslang met bloedsporen en diepe krassen in de schutting”, doet hij zijn relaas tegenover Tubantia. ,,Eerst dacht ik aan een inbraak, maar de politie zei ‘u gelooft het misschien niet, maar dit was een wolf, we hebben meerdere meldingen.’

Schutting

Wissink wist niet wat hij hoorde, tekent Tubantia op uit de mond van de verbouwereerde Wissink. „Een wolf? Hier? Alles is hier omheind met een schutting. Is dat beest daar dan overheen gesprongen?”

Omdat er onmiskenbaar sprake was van braakschade, meldde Wissink zich tot zijn verzekeraar. Daar kreeg hij te horen dat de schade niet gedekt was, omdat het geen ‘officiële’ inbraak betrof. ,,Dat is toch raar? Ik ben daar bijna mijn hele leven al verzekerd en nooit heb ik iets gehad.

Provincie Utrecht: konijn voortaan beschermd tegen woningbouwers

 

UTRECHT – Woningbouwers in de provincie Utrecht vrezen aanzienlijk vertraging van hun bouwprojecten, nu de provincie heeft verordonneerd dat er voorafgaand aan de werkzaamheden onderzoek moet worden gedaan naar de aanwezigheid van het konijn in de nabije omgeving. Wordt het dier gesignaleerd, dan moet een omgevingsvergunning flora- en fauna worden aangevraagd en zijn compenserende maatregelen vereist, aldus De Telegraaf.




Nieuwsbrief 3e kwartaal 2024 Faunabeheereenheid Limburg

Wijziging FBE Bestuur Limburg

Er heeft een wisseling in het Bestuur van de FBE plaatsgevonden.

Mevrouw Plusquin van de Natuur en Milieufederatie Limburg is tijdens de Algemene Bestuursvergadering op 12 juni jl. aangetreden als nieuw bestuurslid voor de geleding Overige Maatschappelijke Organisaties binnen het bestuur van de FBE, ter opvolging van de heer Hermanussen.

Omgevingsvergunningen

Spreeuwen

De volgende omgevingsvergunningen zijn beschikbaar gesteld in FRS:

  1. Omgevingsvergunning Spreeuw vangen en verplaatsen Blauwe Bessen (voor beperkte groep)
  2. Omgevingsvergunning Spreeuw aan verjaging ondersteunend afschot in verband met gewasschade Blauwe Bessen (voor beperkte groep)

De provincie heeft ook dit jaar weer een omgevingsvergunning verleend voor het vangen en verplaatsen van Spreeuwen en voor ondersteunend afschot ter bestrijding van schade in de Blauwe Bessenteelt aan een aantal telers die deelnamen aan de Voorlopige Voorziening die vorig jaar juni heeft plaatsgevonden.

Wanneer men niet heeft deelgenomen aan deze Voorlopige Voorziening dient men via de FBE een separate vergunningsaanvraag te doen bij de provincie wanneer men in aanmerking wil komen voor de omgevingsvergunning Spreeuw vangen en verplaatsen en/of Spreeuw ondersteunend afschot.

Vos

De omgevingsvergunning Vos Predatorenbeheer voor de Hamster is op advies van de Hamstercoördinator verlengd van 1 juli t/m 31 oktober 2024. Deze omgevingsvergunningen zijn als Algemene Machtiging in FRS al aan de desbetreffende WBE’s doorgeschreven t/m 31 oktober.

Diersoorten

Roek

Wanneer men gebruik maakt van de omgevingsvergunning Roek doden gewasschade dient de machtiginghouder conform de provinciale omgevingsvergunning medewerking te verlenen aan eventuele gedurende de vergunningsperiode te starten veterinaire of wetenschappelijke onderzoeken en levert indien gevraagd actief een bijdrage aan het verzamelen van gedode dieren, monsteropname en gegevensverzameling. Vanuit de provincie ligt er momenteel het verzoek om alle geschoten Roeken in een zak in de vriezer te bewaren, zodat deze later opgehaald kunnen worden voor wetenschappelijk onderzoek.

Zodra men een Roek beschikbaar heeft kan een e-mail worden gestuurd naar hf.verkennis@prvlimburg.nl en

laja.thijssen@prvlimburg.nl onder vermelding van de volgende gegevens:

  1. Naam;
  2. Het aantal Roeken beschikbaar om op te halen;
  3. Telefoonnummer;
  4. Het adres waar de Roeken ingevroren

De provincie neemt dan contact op om een moment af te spreken dat de Roeken opgehaald worden.

Haas

In verband met de bewaking van het maximaal aantal van 450 Hazen die per jaar gedood mogen worden in Limburg op basis van de beschikbare omgevingsvergunning, willen wij nogmaals alle gebruikers van de omgevingsvergunning erop wijzen dat men ieder afschot BINNEN 24 UUR in FRS dient te registeren.

In het najaar zullen via een aparte mailing alle WBE-secretarissen en vergunning gebruikers nogmaals hierop worden gewezen, omdat niet alle gebruikers zich goed aan deze voorwaarde houden. Dit kan ertoe leiden dat de omgevingsvergunning voor hen geschorst gaat worden.

Monitoring

Patrijzentelling

De provincie stimuleert al enkele jaren het behoud van de Patrijs in Limburg. Inmiddels zijn er 14 kansrijke gebieden in Limburg waar speciale aandacht is voor de Patrijs. Naast de speciale ANLb pakketten voor Patrijzen kan daar een omgevingsvergunning Vos predatorenbeheer ter bescherming van de aanwezige Patrijzen worden ingezet.

O.b.v. deze omgevingsvergunning worden er jaarlijks twee Patrijzentellingen georganiseerd, te weten een Territoriumtelling en een Kluchtentelling. Deze zullen respectievelijk worden gehouden van 15 maart t/m 31 mei en van 1 november t/m 15 december.

Bij de Territoriumtelling die eind mei jl. is afgerond, is het de bedoeling dat door de deelnemende WBE’s in de vastgestelde werkgebieden per Patrijzen kerngebied in kaart wordt gebracht waar de koppels in territoria zitten en deze gegevens vóór 30 juni in FRS registreren.

Voorjaarstelling

De cijfers van de Voorjaarstelling zijn inmiddels verwerkt en staan op onze website vermeld; Gegevens Voorjaarstelling 2024 Faunabeheereenheid Limburg .

Zomertelling

De Zomerganzentelling vindt dit jaar ook weer op de derde zaterdag in juli plaats, te weten op zaterdag 20 juli a.s. De uitleg hierover heeft u inmiddels per mail ontvangen. Het telplan staat in FRS voor u klaar voor het registreren van de telgegevens. Vóór 20 augustus a.s. dienen de telgegevens te worden geregistreerd in FRS.

Kalender

vóór 30 juni  Registratie patrijzentelling in FRS (alleen voor deelnemende WBE’s)
20 juli  Zomertelling
vóór 20 augustus Registratie zomertelling in FRS

 

      




OM seponeert aangiften tegen betrokkenen bij het doodschieten van de wolf in Wapse

 

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft besloten de betrokkenen in de zaak rond de doodgeschoten wolf in Wapse niet langer te vervolgen. Het betreft een onderzoek door het Functioneel Parket naar het handelen van een burgemeester, een locoburgemeester en een man en zijn zoon (op wiens weiland de wolf zich begaf ten tijde van het incident). Arrondissementsparket Noord-Nederland deed onderzoek naar de politieagent die heeft geschoten. Tegen alle personen is, onder andere door een aantal natuurorganisaties, aangifte gedaan wegens het gevangen houden, verstoren en doden van de wolf. De zaken tegen vader en zoon worden geseponeerd wegens onvoldoende wettig bewijs en rekening houdend met de omstandigheden destijds. De zaken tegen de burgemeester, locoburgemeester en politieagent worden geseponeerd vanwege strafrechtelijke immuniteit. Het OM is van mening dat hun handelen valt onder de uitvoering van een exclusieve bestuurstaak, waardoor strafrechtelijke vervolging niet mogelijk is.

Incident

Op 9 juli 2023 bevond een wolf zich binnen een wolfwerend, elektrisch raster op een boerenperceel met schapen en geiten in Wapse. De eigenaar van het perceel trof de wolf ’s ochtends aan op zijn perceel en zag dat de wolf een aantal van zijn schapen en geiten had aangevallen. Daarop heeft de eigenaar de politie gebeld. Een medewerker van de meldkamer raadde hem aan het hek van het perceel te openen, zodat de wolf kon ontsnappen. Daar is door de eigenaar geen gehoor aan gegeven. De eigenaar heeft op enig moment zelf het perceel binnen de omheining betreden, waarna het tot een confrontatie tussen hem en de wolf is gekomen. Daarbij is de eigenaar gebeten door de wolf. De wolf heeft zich daarna een tijd lang verscholen onder zonnepanelen op het perceel. De locoburgemeester, die dienst had, is ter plaatse gegaan en heeft overleg gevoerd met onder meer de burgemeester en een aantal politieagenten. Uiteindelijk is door de locoburgemeester besloten de wolf dood te laten schieten door de politie.

Onjuist handelen

De wolf geniet de hoogst beschermde status onder de Wet Natuurbescherming. Dat betekent dat een wolf niet zomaar gedood mag worden. In bijzondere omstandigheden kan daar vanaf geweken worden, zoals bij acuut gevaar voor de veiligheid van personen of als er sprake is van een probleemwolf. Volgens het OM was daar in dit geval geen sprake van. Er was geen acute, levensbedreigende situatie voor mensen, aangezien de wolf opgesloten zat op het perceel en geen personen kon bereiken. Ook was er geen sprake van een probleemwolf, maar van een wolf die gevangen zat. Daardoor verkeerde deze in een stressvolle situatie en vertoonde deze natuurlijk (vlucht)gedrag. Dit kan niet worden gekwalificeerd als terugkerend, aangetoond probleemgedrag van deze wolf. Volgens het OM waren er dus alternatieve interventies mogelijk.

Verstoring van de wolf

De man en zijn zoon hebben volgens het OM niet goed gehandeld door het hek gesloten te houden en de wolf daarmee gevangen te houden. Door vervolgens de confrontatie aan te gaan met het wilde dier, zijn er gebeurtenissen in gang gezet waardoor de wolf uiteindelijk doodgeschoten is. Het OM heeft echter onvoldoende bewijs om aan te tonen dat de man en zijn zoon de wolf dusdanig verstoord hebben, dat zij met hun handelen de wet Natuurbescherming hebben overtreden. Daarvoor is juridisch gezien meer nodig. Ook weegt mee dat de man en zijn zoon dusdanig hebben gehandeld, omdat zij bang waren dat de wolf buiten het hek – naar hun inzien – meer schade zou kunnen aanrichten. Het aantreffen van gewonde en gedode schapen en geiten in bijzijn van een wolf zal een onverwachte en beangstigende situatie geweest zijn, wat het handelen van de man en zoon beïnvloed kan hebben, zoals het gesloten houden van het hek.

Deskundigheid

Het OM is daarnaast van mening dat de burgemeester en locoburgemeester anders hadden moeten handelen. Voorafgaand aan de beslissing om de wolf dood te schieten, is geen deskundige op het gebied van wolven geraadpleegd. Er zijn wel twee agenten met taakaccent dieren geraadpleegd, maar geen van hen had specifieke kennis over de wolf. Er was echter voldoende tijd om een deskundige te benaderen, aangezien de wolf zich al geruime tijd had teruggetrokken onder de zonnepanelen in het weiland. In een gemeente die al geruime tijd met de aanwezigheid van de wolf te maken heeft, had ten tijde van het incident een lijst met wolven-deskundigen klaar moeten liggen die geraadpleegd hadden kunnen worden. De alternatieven voor afschot zijn wat het OM betreft onvoldoende verkend.

Exclusieve bestuurstaak

De locoburgemeester heeft echter gehandeld in het kader van de Gemeentewet, ter handhaving van de openbare orde. Het bevel tot afschieten van de wolf en de uitvoering daarvan wordt daarom aangemerkt als exclusieve bestuurstaak. Hierdoor komt de burgemeester, de locoburgemeester en de politieagent strafrechtelijke immuniteit toe. Het strafrecht kan daardoor niet worden ingezet om, in het kader van die exclusieve bestuurstaak, gemaakte besluiten en de uitvoering daarvan te beoordelen en te bestraffen. Ook weegt mee dat er ten tijde van het incident geen afgesproken praktische werkwijze bestond waarin stond beschreven hoe gehandeld moest worden bij het aantreffen van een wolf, anders dan bij een aanrijding. Ook was dit de eerste keer dat er een wolf op afgesloten terrein van burgers aangetroffen werd.

Aanpassingen

De omstandigheden die tot dit incident geleid hebben (zoals de gaten in het juridisch kader en onzekerheid over de toepassing ervan) zijn inmiddels, mede door brede media-aandacht, in belangrijke mate gewijzigd. Zo is er door de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) in januari van dit jaar een richtsnoer opgesteld – ofwel een ‘handelingsperspectief voor burgemeesters’ – waarin handvatten worden geboden voor de omgang met wolven die zich binnen gemeentegrenzen begeven. Daaruit wordt duidelijk dat dat een confrontatie tussen mens en wolf niet zonder meer, en zeker niet zonder raadpleging van een deskundige, kan eindigen in afschot van de wolf. 




Europese Natuurherstelwet nu toch aangenomen

Het is interessant om te zien dat de Natuurherstelwet uiteindelijk is aangenomen in de Europese raad van ministers, ondanks enige verdeeldheid onder de lidstaten.

Er is nu een meerderheid van de milieuministers van de 27 EU-lidstaten die heeft gestemd voor de Natuurherstelwet. Oostenrijk had aanvankelijk de intentie om zich te onthouden van stemming, maar heeft uiteindelijk toch voorgestemd.

Nederland heeft, zoals eerder aangekondigd, tegen gestemd en heeft daarbij een Kamermotie gevolgd. Er lijkt echter nog onenigheid te zijn, aangezien de Oostenrijkse bondskanselier Karl Nehammer de ja-stem van de Oostenrijkse milieuminister wil aanvechten, vanwege zijn bezorgdheid dat deze niet namens Oostenrijk en ongrondwettelijk was.

De Europese verordening vereist dat tegen 2030 herstelmaatregelen worden ingevoerd voor minstens 20% van alle land- en zeegebieden in de EU, met prioriteit voor Natura 2000-gebieden. Tegen 2050 moeten de lidstaten 90% van alle aangetaste ecosystemen hebben hersteld, waarbij voorkomen moet worden dat gebieden opnieuw achteruitgaan. Lidstaten dienen nationale herstelplannen op te stellen waarin zij beschrijven hoe zij deze doelstellingen willen bereiken.

De Natuurherstelwet is afgezwakt ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel van voormalig Eurocommissaris Frans Timmermans, waarbij het verbod op verslechtering is veranderd in een inspanningsverplichting. Het Europees Parlement heeft vervolgens in februari een noodrem ingebouwd, waardoor doelen kunnen worden opgeschort als de voedselzekerheid in gevaar komt. Het lijkt erop dat er nog discussie en debat zullen zijn over de implementatie en uitvoering van deze wet.

Hoewel er zorgen zijn geuit over de impact van de wet op de landbouw en andere maatschappelijke activiteiten, wordt er ook gesproken over de positieve effecten die het kan hebben voor een robuustere natuur en wat weer  meer mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen voor boeren daardoor kan meebrengen.

Het is een complex onderwerp met verschillende perspectieven, maar het is goed om te zien dat er aandacht wordt besteed aan het herstel van de natuur.




Afrikaanse varkenspest bij wild zwijn vlakbij Frankfurt

In de Duitse deelstaat Hessen nabij Frankfurt am Main is een wild zwijn gevonden dat besmet is met Afrikaanse varkenspest. De vindplaats is drie uur rijden vanaf Nederland. Menselijk handelen lijkt de meest voor de hand liggende oorrzaak, de afstand tot het dichtsbijzijnde besmette gebied in Duitsland is circa 500 kilometer.

De vondst is op 15 juni bevestigd door het Friedrich Loeffler Institut. Het gaat om een zeug die is gevonden in de gemeente Gross-Gerau, ten westen van Frankfurt am Main in de deelstaat Hessen. Deze deelstaat grenst aan Nordrhein-Westfalen, de deelstaat met de meeste varkens (circa 5,7 miljoen) en varkensbedrijven (ruim 5.000) van Duitsland.

Rondom de vindplaats van het besmette zwijn is een bewakingszone gemaakt met een straal van 15 kilometer. Die reikt daarbij deels in Nordrhein-Westfalen. In deze zone is het nu verboden te jagen en is direct gestart met het zoeken naar meer kadavers. Er worden nog regels opgesteld voor onder andere het vervoer van varkens en het vervoer van dierlijke producten.

Deze vondst van een besmet wild zwijn op grote afstand van de overige besmette gebieden is een tegenslag voor de aanpak van de Afrikaanse varkenspest in Duitsland. Net als de besmetting van een vleesvarkensbedrijf op 6 juni in de deelstaat Mecklenburg-Voorpommern vlabkbij de Poolse grens.

bron: Nieuwe Oogst




Bezwaarprocedure Overzomerende Grauwe Gans provincie Fryslânysl

Geacht Bestuur Jagersverenigingen en WBE’s in Friesland,

Tegen de 10% van de Friese jagers heeft een bezwaarschrift ingediend (bij landelijke acties wordt vaak bij een response van 5% reeds gezien als een goede respons) en als vervolg hierop een brief ontvangen van de provincie voorzien van een antwoordformulier. Als gezamenlijke landbouworganisaties willen wij hen complementeren voor hun actie  en vragen wij u dan ook dit bericht te delen met uw leden.

Zowel boer als jager is belanghebbende als bezwaarmaker

Er is bezwaar gemaakt door vele boeren én jagers door middel van het insturen van een bezwaarschrift tegen de door de provincie afgegeven  Omgevingsvergunning afschot overzomerende grauwe gans (het afgeven van deze omgevingsvergunning op 5 april jl. was nodig omdat de ontheffing overzomerende grauwe gans 2018-2023, op 31 oktober vorig jaar (2023) afliep). Alle bezwaarmakers hebben nu een brief ontvangen van de provincie Fryslân, van Team Groene regelgeving, met een in te vullen vragenlijst waarmee de provincie verzoekt om aanvullende informatie.

Het doel van deze informatielijst is om te kunnen beoordelen of u wel of niet belanghebbende bent.

Het opvallende is dat de provincie slechts op één van de gestelde voorwaarde (op de voorwaarden of u beheer uitvoert binnen de 300 meter bufferzone rondom N2000 gebied) gaat toetsen of u belanghebbende bent. Maar er zijn meer voorwaarden.

U bent zeker óók belanghebbende wanneer u:

  • Nabij een weidevogelkans en of kerngebied zit en afhankelijk bent van afstemming met derden (een agrarisch collectief/ TBO) over het beperken van schade op uw eigendom;
  • Jager bent en in die zin belanghebbende bent omdat er voorwaarden gaan over de wijze van uitvoeren van schadebestrijding;
  • Jagers gebruikers zijn, in de zin van het uitvoeren van de schadebestrijding van de grauwe gans, vanwege het doorschrijven van vergunning de grauwe gans te bejagen met ondersteunend afschot.

Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb artikel 1:2) is iemand belanghebbende wanneer zijn of haar belang rechtstreeks bij een besluit betrokken is.

Via de FBE, namens de boeren en jagers, is de omgevingsvergunning afschot overzomerende gans aangevraagd in september 2023.
Door het afgeven van de gewijzigde vergunning door de provincie op 5 april 2024,
heeft dit rechtstreeks gevolgen voor de boer als grondgebruiker én voor de jager als gemachtigde uitvoerder. Zowel de boer als jager is daarom in dit geval belanghebbende bij de omgevingsvergunning.

Vragenlijst invullen en terugsturen!

Het is belangrijk de vragenlijst zo spoedig mogelijk en volledig ingevuld terug te sturen, vóór donderdag 20 juni. Advies: doe hem morgen op de bus of stuur hem via de mail.

U moet duidelijk aangeven bij vraag 1 dat u uw bezwaarschrift niet in trekt, dat u bij vraag 2 als jager wel gebruiker bent en dat bij vraag 9 u wel gehoord wilt worden door de bezwarencommissie!
Bij vraag naar perceel gegevens kunt u verwijzen naar een bijgevoegde print met uw percelen.

Schrijf onderaan de ingevulde vragenlijst dat in uw bezwaarschrift de redenen van bezwaar al duidelijk zijn benoemd en dat u door de bezwarencommissie gehoord wil worden en de bezwaren behandeld.

Juridisch advies

Er is juridisch advies aangevraagd over de inhoud van de omgevingsvergunning afschot overzomerende grauwe gans en de gevolgde procedure door de provincie met het versturen van de informatielijst om aanvullende informatie te krijgen en te toetsen of bezwaarmakers wel belanghebbende zijn. Het advies op dit moment luidt:
Stuur de volledig ingevulde vragenlijst zo snel mogelijk terug naar de provincie,
in ieder geval vóór 20 juni, het liefst morgen.
Wanneer er meer informatie komt over het juridisch advies, laten wij u dat weten.




Haas, konijn en kleine marterachtige voortaan beschermd bij ruimtelijke activiteiten in de provincie Utrecht

Hazen
 
Datum:12 juni 2024: in Natuur, Vergunningverlening
 

Sommige ruimtelijke activiteiten kunnen schadelijk zijn voor beschermde diersoorten. Denk aan het rooien van bomen, baggeren, slopen of bouwen. Er moeten dan maatregelen genomen worden om schade te voorkomen of te beperken en er kan een vergunning nodig zijn. Vanaf 1 september 2024 geldt dit in de provincie Utrecht ook voor hazen, konijnen en kleine marterachtigen.

Een initiatiefnemer is al verplicht te kijken naar negatieve effecten voor beschermde diersoorten, zoals vleermuizen, maar vanaf dan ook voor hazen, konijnen en de kleine marterachtigen bunzing, hermelijn en wezel. Tot nu toe staan zij nog op de provinciale ‘Lijst vrijgestelde soorten’ wat betekent dat bij ruimtelijke activiteiten in leefgebieden van deze soorten geen vergunningen nodig zijn.

Hier komt vanaf 1 september 2024 in de provincie verandering in. De ‘staat van instandhouding’ van hazen, konijnen en kleine marterachtigen is ongunstig. Dat wil zeggen dat het niet goed gaat met deze diersoorten. Het opnemen van deze soorten op de vrijstellingslijst is daardoor niet langer mogelijk. Provinciale Staten hebben op 7 februari 2024 besloten deze soorten van de vrijstellingslijst af te halen. Enkele andere provincies hebben deze beslissing ook al genomen.

Onderzoek is verplicht

De provincie heeft besloten dat activiteiten in leefgebieden van de haas, het konijn en kleine marterachtigen vanaf 1 september 2024 niet langer zijn vrijgesteld van de verbodsbepalingen zoals genoemd in de Omgevingswet. Concreet betekent dit dat wie bijvoorbeeld wil bouwen in een omgeving waar hazen, konijnen of kleine marters kunnen voorkomen, eerst moet onderzoeken of de diersoorten hier aanwezig zijn, en of de werkzaamheden invloed hebben op deze dieren. Zijn er negatieve effecten op de soorten te verwachten, dan moet een Omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit aangevraagd worden. De provincie toetst deze vergunningaanvragen.

Informatie over maatregelen

De provincie Utrecht heeft voor hazen en konijnen een speciaal toetsingskader opgesteld. Daarin staat hoe u kunt onderzoeken of in een gebied hazen en konijnen aanwezig zijn en welke maatregelen u kunt nemen om schade te voorkomen of te beperken. Voor de kleine marterachtigen staat deze informatie in een landelijk kennisdocument dat door BIJ12 is opgesteld.

Bekijk het

bron: Provincie Utrecht, 12/06/2024



Nieuwsbrief NOJG juni 2024




Beter weidevogels tellen in Stichting Weidevogels Hof van Twente

Dronepiloot Roger Borre legt uit hoe het zoeken naar weidevogels en reekalfjes werkt.

De stichting Weidevogels Hof van Twente gaat nog beter de aantallen nesten en vliegvlugge kuikens  in akkers en weilanden tellen dan nu al gebeurt. Op de vergadering bij melkgeitenbedrijf Veelers in Hengevelde zijn hierover zaterdag 8 juni 2024 voorstellen gedaan aan de vrijwillige veldwerkers en dronepiloten.

De komst van de drone en mogelijke compensatieregelingen voor agrariërs, dwingen het bestuur de puntjes op de i te zetten. Met exacter cijfermateriaal kan het bestuur beter beleid uitstippelen. “We weten daardoor straks beter wat werkt en wat minder goed werkt”, aldus Tjeerd Ploeg van Weidevogels Hof van Twente.

Beschermen
De kersverse voorzitter Tjeerd Ploeg, die de overleden Herman Kraak sinds kort op volgt, liet zich onlangs uitgebreid voorlichting in Zeist bij Vogelbescherming Nederland en bij de Sovon Vogelonderzoek, om de beste telmethode op tafel te krijgen.

Schouw
Agrariërs krijgen vanaf komend jaar een ‘eigen’ veldwerker met wie ze goede afspraken maken om het land te mogen betreden, aldus het voorstel van het bestuur. Wekelijks of om de 14 dagen volgt een schouw: De veldwerker telt hoeveel legsels op het land liggen en hoeveel kuikens er eventueel al rond lopen. Drie coördinatoren verzamelen de gegevens in de gemeente Hof van Twente voor de boerenlandvogelmonitor van Landschap Overijssel. De gemeente en andere overheden kunnen op die gegevens terug vallen bij het regelen van schadevergoedingen aan agrariërs, bijvoorbeeld als de boer later is gaan maaien of stukken gras, bedoeld als voer voor zijn koeien, toch heeft laten staan voor broedende weidevogels.

Gered
Voorzitter Tjeerd Ploeg wil vooral daar weidevogels intensief gaan monitoren, waar ze nog redelijk veel voorkomen. Dronepiloten kunnen het zoekwerk van de veldwerker enorm verlichten. Met de faunadrone van de firma Borre in Bentelo zijn dit jaar voor het eerst nesten in kaart gebracht en beschermd en zijn reekalfjes gered van de maaimachine  in Hof van Twente.  De samenwerking tussen dronepiloten en veldwerkers verliep uitstekend, aldus het bestuur.

Plasdras
De stichting zoekt samen met de Agrarische Natuurvereniging Hooltwark een plek in Hof van Twente voor de aanleg van een plasdras voor de bedreigde weidevogels. De aantallen grutto’s, tureluurs en wulpen zijn zover achteruit gehold dat er nog maar zo’n 20 paartjes grutto’s broeden in de hele gemeente Hof van Twente. Deze soort en ook de tureluur en de wulp dreigen de komende jaren uit te sterven als er niets gebeurt.

Observeren
Het belang van betrouwbare data is essentieel, zei Peter van den Akker van Sovon Vogelonderzoek als genodigde voor de vergadering. Veel vrijwilligers gebruiken al de zogeheten Boerenlandvogel Monitor. Deze app, afgekort BLVM, is in gebruik bij veel vogelwerkgroepen. Dit betekent voor de veldwerker onder meer om de 14 dagen ‘een rondje’ lopen om te observeren in de natuur. De stichting zit ten slotte nog verlegen om nieuwe vrijwilligers met hart voor de weidevogels.




AVP-uitbraak in varkensmesterij Vorpommern-Duitsland

6 juni 2024 (DJV/LJVMV) Berlijn/Parchim

Het virus werd gedetecteerd bij een bedrijf in het district Vorpommern-Greifswald. DJV en LJV vragen jagers om bioveiligheid serieus te nemen. Minister van Landbouw Backhaus spreekt van een puntinvoer, wilde zwijnen worden niet getroffen.

In het district Vorpommern-Greifswald is Afrikaanse varkenspest (AVP) uitgebroken: het is niet bekend hoeveel van de ongeveer 3.500 dieren in een mesterij in de buurt van Pasewalk getroffen zijn. Minister van Landbouw Till Backhaus spreekt van een puntinvoer, vergelijkbaar met die uit 2021 in de mesterij bij Lalendorf. De Duitse Jachtvereniging (DJV) en de Staatsjachtvereniging Mecklenburg-Voor-Pommeren (LJV) doen een beroep op jagers in het hele land om zich strikt aan de bioveiligheidsmaatregelen te houden. Dit geldt vooral voor jagers die tevens varkenshouders zijn.

DJV en LJV vragen de lokale jagers zich strikt te blijven houden aan de algemene orde van het district Vorpommern-Greifswald. Dit omvat onder meer een grotere jacht op wilde zwijnen en een consistente bemonstering van gejaagde dieren.

Zelfs vóór de huidige uitbraak van AVP wees de officiële dierenarts uit het district Vorpommern-Greifswald op de nauwe en uitgebreide AVP-monitoring in het getroffen gebied en prees hij het voorbeeldige werk van de jagers. Vanaf september 2023 tot het huidige incident werd de deelstaat Mecklenburg-Voor-Pommeren als AVP-vrij beschouwd. Er zijn momenteel geen tekenen van een epidemie onder de wilde zwijnenpopulaties.

Meer informatie over ASP is beschikbaar op internet: www.jagdverband.de/asp




Nieuwsbrief PC Jacht & Fauna | juni 2024




Tegemoetkomingen in faunaschade gestegen naar € 55 miljoen

Infographic over de landelijke faunaschadecijfers over 2023. Download hier alle infographics in PDF.

Gepubliceerd op: 04 juni 2024

Provincies keerden in 2023 voor ruim € 55 miljoen uit aan tegemoetkomingen in faunaschade. Dat is 23% meer dan in 2022, toen bijna € 45 miljoen aan tegemoetkomingen werd uitbetaald. Het aantal aanvragen voor tegemoetkomingen steeg van bijna 7700 naar circa 8500.

Download hier alle infographics over faunaschade over 2023. (PDF)

BIJ12 keert de tegemoetkomingen in faunaschade uit namens de provincies en publiceert nu de cijfers over 2023 op basis van de beschikbare gegevens op 13 maart 2024. Het schadejaar loopt van 1 november 2022 tot en met 31 oktober 2023. In die periode hebben alle provincies samen voor € 55.170.586 aan tegemoetkomingen uitbetaald. De meeste schade werd veroorzaakt door ganzen aan grasland. De uitgekeerde schade was het grootst in de provincies Fryslân (€ 15.373.901) en Noord-Holland (€ 15.115.645).

De stijging van faunaschade is onder andere te verklaren doordat een aantal provincies geen gebruik meer kan maken van de landelijke vrijstelling op bepaalde diersoorten. Daarnaast zijn de grasprijzen gestegen en zijn er meer aanvragen ingediend.

Landelijke vrijstelling

Sinds 2023 kunnen grondgebruikers in de provincies Fryslân, Noord-Holland en Zuid-Holland voor meer diersoorten tegemoetkomingen in faunaschade aanvragen. In deze provincies is het niet meer mogelijk om onder andere de kauw, zwarte kraai en houtduif te bestrijden. Daarom worden in deze provincies tegemoetkomingen uitbetaald voor schade veroorzaakt door deze diersoorten. Voornamelijk de houtduif heeft in 2023 flinke schade veroorzaakt bij groentes. Daarom staat de houtduif op 6 in de landelijke top 10 van schadeveroorzakende dieren, en staan bloemkool, sla en broccoli in de landelijke top 10 van schade aan gewassen/diersoorten.

Prijs voorjaarsgras

De stijging in faunaschade wordt ook deels veroorzaakt door de hogere prijs van voorjaarsgras. De drogestofprijs van voorjaarsgras per kilo steeg met 10% van € 0,31 in 2022 naar € 0,34 in 2023. Als ganzen graslanden kaal grazen, moet een boer vervangend voer voor zijn koeien kopen. De prijs van het gras dat door faunaschade verloren is gegaan, wordt berekend aan de hand van de marktwaarde van vervangend voer.

Meer aanvragen

Het aantal aanvragen voor tegemoetkomingen steeg met circa 10%. Grondgebruikers dienen steeds vaker meerdere aanvragen per jaar in voor tegemoetkomingen in faunaschade. BIJ12 vermoedt dat dit komt doordat grondgebruikers, al dan niet met professionele hulp, steeds beter de weg vinden voor het aanvragen van een tegemoetkoming.

Ook zijn er het afgelopen jaar meer wolvenaanvallen geweest op landbouwhuisdieren, zoals schapen. In 2023 bedroeg de totale tegemoetkoming in wolvenschade € 353.292. In 2022 was dat € 296.932. De wolf bracht afgelopen jaar de meeste schade toe in de provincies Drenthe, Fryslân en Gelderland. De schade door wolven is in een infographic in beeld gebracht.

Monitor Faunaschade

Via de Monitor Faunaschade zijn de faunaschadecijfers te vinden per provincie, diersoort, gewas en jaartal. Via het bronbestand van de Ruimtelijke Monitor Faunaschade zijn deze gegevens te vinden per wildbeheereenheid.

Toelichting

Alle schadecijfers zijn gebaseerd op de gegevens die bekend waren op 13 maart 2024. De cijfers zijn aan verandering onderhevig omdat er nog tegemoetkomingsaanvragen over de betreffende periode worden afgehandeld. De meest actuele cijfers van wolvenschade staan in de tabel met wolvenschade.

De cijfers gaan over de tegemoetkomingen in faunaschade die zijn uitgekeerd aan grondgebruikers. Dit is echter niet de totale faunaschade omdat de eventuele behandelingskosten en het eigen risico hierin niet zijn meegenomen, en niet alle faunaschade wordt gemeld. Daarnaast keert BIJ12 alleen tegemoetkomingen uit voor schade die is veroorzaakt door beschermde, inheemse diersoorten.

De infographic van faunaschade in de provincie Flevoland geeft een vertekend beeld omdat er op 13 maart 2024 nog twee grote tegemoetkomingsaanvragen in behandeling waren. Die zijn niet meegenomen in de infographics.

Zoals destijds vermeld, waren de cijfers van wolvenschade in 2022 niet compleet. Dat kwam doordat nog niet alle aanvragen waren afgehandeld toen de cijfers gepubliceerd werden. De uiteindelijke wolvenschade in schadejaar 2022 bedroeg € 296.932. Bij publicatie van de schadecijfers was dat nog € 235.387.

De infographic over wolvenschade bevat een categorie diersoort ‘schaap en geit’. Er zijn in 2023 drie aanvragen geweest waarbij schade was aan zowel schapen als geiten.