Vijf vragen over smienten bejagen Zuid-Holland

De Faunabeheereenheid Zuid-Holland wil de smientenpopulatie terugbrengen, maar krijgt tegengas van 28 natuurorganisaties. Woensdag vergaderde de Statencommissie Duurzame Ontwikkeling over de aanpak. Een meerderheid ziet geen reden tot aanpassing.

Wat staat er in het nieuwe faunabeheerplan over de smient in Zuid-Holland?

Het ‘Faunabeheerplan Smient Zuid-Holland 2017-2023’ van de Faunabeheereenheid (FBE) Zuid-Holland beoogt de schade aan gras en andere gewassen van oktober tot en met maart te beperken. De bestrijding vindt plaats conform de provinciale vrijstelling, die op basis van de Wet natuurbescherming is verleend door Provinciale Staten. Smienten veroorzaken schade aan gras, granen, vollegrondsgroenten en overige akkerbouwgewassen.

Wat is het voorstel van de FBE?

De FBE vraagt op basis van het nieuwe faunabeheerplan een ontheffing aan voor verjagend afschot van smienten van de betreffende percelen voor de periode van 1 oktober tot en met 31 maart. In totaal gaat het om maximaal 6.500 smienten op jaarbasis.

Wat is het bezwaar van de 28 natuurorganisaties?

Volgens de natuurorganisaties gaat het niet goed met de smient. Sinds 2000 is er volgens de organisaties landelijk en provinciaal sprake van een daling van de populatie overwinterende vogels. De landelijke doelstelling van Natura 2000 is een ‘seizoensgemiddelde’ van 258.000 smienten, maar het zijn er volgens de natuurclubs hoogstens 180.000. Ze verwijzen verder naar de schadevergoeding van ruim 640.000 euro, die in 2016 is uitgekeerd.

Wat is het probleem voor de land- en tuinbouw?

De smienten foerageren in grote aantallen op landbouwgrond. Ze vreten de graslandpercelen volledig kaal. Een extra nadelig effect is dat smienten het gras bij de wortel afvreten, waardoor hergroei niet tot nauwelijks plaatsvindt. Daarnaast vervuilen ze de percelen met ontlasting.

‘De agrarische sector wil een beheerbare populatie. Tot die tijd moet de schade aan landbouwgewassen worden vergoed. Boeren zitten overigens niet op compensatie te wachten. Ten eerste vanwege het papierwerk, maar vooral omdat ze zich willen bezighouden met de productie van voedsel voor de consument.

Hoe heeft de Statencommissie Duurzame Ontwikkeling op de kwestie gereageerd?

Een meerderheid ziet geen reden om de aanpak aan te passen. Hoewel er onvoldoende tijd was om in detail op de inhoud in te gaan, werd aangekondigd dat er een motie wordt ingediend. Het ziet er vooralsnog naar uit dat Gedeputeerde Staten zich houden aan de aanpak zoals die in het faunabeheerplan is beschreven.

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk