Datum
02-07-2010

Faunafonds niet ieder dier is heilig.

Startpagina
Nieuwsarchief
In relatie met:
 
Jaarverslag Faunafonds 2009
Boeren en tuinders krijgen steeds vaker de rekening gepresenteerd voor het groeiend aantal wilde dieren dat schade veroorzaakt aan landbouwgewassen. Dat blijkt nog eens uit het laatste jaarverslag van het Faunafonds over 2009.

Minister Gerda Verburg van LNV waarschuwde provincies en gemeenten eerder deze maand al actiever op te treden bij het bejagen van diersoorten die qua aantal sterk groeien en tevens veel schade veroorzaken.

Volgens Verburg maken overheden onvoldoende gebruik van de mogelijkheden die de Flora- en faunawet hiertoe biedt. Concrete diersoorten noemt ze niet, maar Huys staat vierkant achter die oproep. ,,We hebben eerder al eens geadviseerd dit probleem stevig aan te pakken. Tot nu toe is dat niet gebeurd. En hoe langer je wacht, hoe moeilijker het wordt. Er moet nu echt wat gebeuren, want optreden blijft uit.’’

In 2009 zijn in totaal 5311 verzoekschriften van faunaschade ontvangen. In 2008 waren dat er nog 4845. Werd in 2009 in totaal bijna 7,5 miljoen euro aan schade uitgekeerd, het jaar ervoor was dat nog 11,2 miljoen euro aan tegemoetkomingen.

Er is weliswaar sprake van een forse afname van het totaal uitbetaalde bedrag. Maar het aantal schademeldingen groeit nog steeds, stelt het Faunafonds vast. Het lagere uitkeringsbedrag wordt vooral veroorzaakt door een terugval in de prijzen voor landbouwproducten waarop de schadetaxaties worden gebaseerd.

Volgens  Vz. Huys vergt de aanpak van wildschade continue bezinning. ,,We denken als bestuur dan ook na over de vraag of het misschien heel anders moet. Voorlopig is dat niet zo, maar dan moeten de overheden en andere betrokken organisaties als terreinbeheerders wel hun verantwoordelijkheid nemen. Onder boeren heerst nu een gevoel van machteloosheid en onrechtvaardigheid dat er te weinig aan het probleem gebeurt. Zoiets kun je in een samenleving niet hebben.’’

Communicatie

Huys pleit voor een betere communicatie van alle verantwoordelijke partijen naar politiek en samenleving over het groeiende probleem met wildschade en wat er nodig is om het te beperken. Dat creëert draagvlak voor harder ingrijpen bij soorten waar dat kan.

,,Niet ieder dier is heilig. Voor herten en overzomerende ganzen moeten ingrepen met afschot en verstoring mogelijk zijn. Zachte heelmeesters maken anders stinkende wonden. Maar dat moet je dan wel eerst goed uitleggen. Ook dat gebeurt nog in onvoldoende mate.’’

Er is volgens Vz. Huys nog een andere reden om niet te wachten: zoals het nu is georganiseerd betaalt het ministerie van LNV de rekening van de wildschadeclaims, terwijl de provincies verantwoordelijk zijn voor het wildbeheer. Dat kan niet te lang meer zo duren, vindt hij.

,,Het fonds wil wel betalen, we zitten er niet om zuinig te zijn. Maar het moet ook rechtvaardig blijven. Als het optreden achter blijft, creëert dat scheefgroei, ook financieel.’’

Hij vindt het dan ook jammer dat het besluit om de taken van het Faunafonds bij de provincies onder te brengen in een eigen centrale uitvoeringsorganisatie voorlopig nog steeds niet is genomen. ,,Er zal wel een Faunafonds blijven bestaan, maar dan aangestuurd door de provincies. Iedere provincie zijn eigen fonds zie ik niet gebeuren.’’

Het Faunafonds constateert in het jaarverslag dat schadevergoedingen voor overzomerende ganzen bij een ongeveer gelijk blijvend aantal verzoekschriften en daling van de prijzen voor landbouwproducten toch nog met bijna twee ton zijn gestegen.

Verder wijst het Faunafonds op de toename van de schade door reeën. Het uitgekeerde schadebedrag verdubbelde daar bijna tot 71.000 euro. Telers in de provincies Noord- en Zuid-Holland kregen tegemoetkomingen in schade aan bloembollen, waarbij de damherten afkomstig zijn uit terreinen van de Amsterdamse Waterleiding Duinen. Een deel van het betaalde bedrag slaat op schade die in 2008 is ontstaan en getaxeerd, maar in 2009 werd betaald.

Verder was 2009 ook het jaar van de wilde zwijnen. Het totaal in 2009 uitbetaalde bedrag voor tegemoetkoming in wildezwijnenschade bedroeg ruim 124.000 euro. Dit is een forse stijging ten opzichte van 2008 toen ruim 46.000 euro werd uitgekeerd. De verklaring voor deze toename ligt enerzijds in een toename van het aantal verzoekschriften en anderzijds in een stijging van de gemiddelde schade per melding, aldus het Faunafonds.

Grasland

Zo is de schadeomvang in grasland flink gestegen. In enkele schadegevallen moesten aanzienlijke oppervlaktes grasland worden overgezaaid. Het aantal verzoekschriften tot vergoeding van schade door zwijnen steeg van 78 naar 112 stuks, vooral veroorzaakt in grasland en maïspercelen met respectievelijk 37 en 57 verzoekschriften. De gemiddelde schade nam daarbij toe van 771 euro per melding in 2008 naar 1204 euro in 2009. Voor dit jaar verwacht het Fonds minder problemen met zwijnen.

Ook de schade die veroorzaakt is door dassen neemt toe. In 2009 zijn in totaal 162 verzoekschriften ontvangen, in 2008 waren dat er 161. Wel is de gemiddelde schade gestegen: van 376 naar 552 euro per melding. Verder werd bij een uitspraak door de Raad van State het beroep door de ondernemer gegrond verklaard.

Bron: Nieuwe Oogst Limburg d.d. 22 mei 2010