Datum:
26-04-2010
Reactie op de motie-Ormel c.s. over bijvoeren
Startpagina
Nieuwsarchief
In relatie met:
reactie nojg op drama oostvaardersplassen

De Oostvaardersplassen, natuurgebied of hongerkamp



De Voorzitter van de Tweede Kamer

Datum 26 maart 2010

Betreft Reactie op de motie-Ormel c.s.

Geachte Voorzitter,
In mijn brief van 24 maart 2010, heb ik u toegezegd te zullen informeren over de uitvoering van de motie-Ormel c.s. (Kamerstuk 32123 XIV, nr. 181) over het bjivoeren van grote grazers in de Oostvaardersplassen en de Veluwezoom.
In vervolg hierop bericht ik u het volgende.
Zoals ik heb toegezegd, is er overleg gevoerd met Natuurmonumenten (NM) en Staatsbosbeheer (SBB) over het bijvoeren van de dieren in de Veluwezoom en de Oostvaardersplassen. Beide terreinbeheerders zijn van mening dat bijvoeren niet verstandig is, omdat het de natuurlijke dynamiek van de kuddes verstoort.
Daarnaast zijn er twijfels of de dieren op dit moment van het aangeboden hooi gaan eten, in verband met het huidige aanbod vers en mals gras.
Desalniettemin heeft het kabinet besloten om de dieren in de Oostvaardersplassen bij te voeren. SBB treft hiervoor inmiddels de nodige voorzieningen.
Inmiddels beschikt SBB over een ontheffing van de provincie van het verbod om dieren bij te voeren om de stand van edelherten door middel van bijvoeren te bevorderen.
Natuurmonumenten heeft aangegeven een besluit over het al dan niet bijvoeren te nemen na raadpleging van de veterinaire begeleidingscommissie voor de Veluwezoom.

MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,

G. Verburg


Datum 24 maart 2010

Betreft Reactie op de motie-Ormel c.s. over bijvoeren

Geachte Voorzitter,

Gisteren werd de motie-Ormel c.s. (Kamerstuk 31123 XIV, nr. 181) aangenomen,

waarin de regering verzocht wordt om per direct schraal hooi in voldoende

hoeveelheden ter beschikking te stellen aan hongerende dierpopulaties in de

Oostvaardersplassen en de Veluwezoom. Na aanvaarding van de motie heeft uw

Kamer verzocht om te worden geïnformeerd over op welke wijze uitvoering wordt

gegeven aan de motie.

Deze motie heeft consequenties voor het tot nu toe gevoerde beheer in de grote

eenheden natuurgebieden, de Oostvaardersplassen en de Veluwezoom.

Daarom vind ik het van belang om op korte termijn te overleggen met de

betrokken terreinbeheerders, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer, over hoe

op praktische wijze uitvoering gegeven kan worden aan de motie. Dat overleg is

gepland voor aanstaande vrijdag.

Tevens zal ik de uitvoering van de motie aanstaande vrijdag in de ministerraad

aan de orde stellen.

Over de uitkomsten hiervan zal ik u zo spoedig mogelijk nader informeren.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN

VOEDSELKWALITEIT,